Geplaatst op 27 augustus 2008 door: Jenneke van de Streek | 0 reacties | Reageer

Longtransplantatie verhoogt sterfterisico bij kind met CF

Longtransplantatie verhoogt sterfterisico bij kind met CF

Een longtransplantatie bezorgt kinderen met Cystic Fibrose (CF) zelden een langer leven. Sterker nog, vaak is het sterfterisico na een transplantatie verhoogd. Dat concluderen onderzoekers van de Universiteit van Utah in onderzoek dat is gepubliceerd in de New England Journal of Medicine.

In het onderzoek zijn ruim vijfhonderd kinderen met CF in de leeftijd tot en met 18 jaar gevolgd die in het laatste decennium van vorig eeuw op de wachtlijst voor een longtransplantatie stonden. Van de 248 kinderen die daadwerkelijk nieuwe longen kregen, had slechts één kind duidelijk baat bij de transplantatie. Bij 162 kinderen werd het sterfterisico na de transplantatie tot zeven keer groter; 85 kinderen hadden geen baat, maar ook geen nadeel van de transplantatie.  

De onderzoekers vonden twee risicofactoren die de overleving na transplantatie negatief beïnvloeden: een hogere leeftijd en  een infectie met S. Aureus. Een kind van 17 jaar dat een S. Aureus-infectie heeft, heeft bijna een zevenmaal grotere kans om te overlijden na transplantatie. Na het bereiken van de 18-jarige leeftijd heeft leeftijd geen invloed meer op de overleving na een transplantatie. Onderzoekers weten niet waarom dat is. 

Het hebben van diabetes voorafgaand aan de transplantatie daarentegen , was juist een beschermende factor. De meeste CF-patiënten krijgen diabetes na een longtransplantatie. Kinderen die al eerder diabetes hebben, hebben kennelijk de fysieke tol van de ziekte al betaald, en lijden er niet extra onder na de transplantatie, stellen de onderzoekers. 

Volgens onderzoeksleider Theodore Liou, hoogleraar interne geneeskunde aan de University of Utah School of Medicine, moeten de selectiecriteria voor kinderen die in aanmerking komen voor een longtransplantatie, zoals een slechte longfunctie, verergering van de symptomen en andere factoren die duiden op een slechte prognose, worden herzien. De onderzoekers hopen dat hun onderzoek een discussie over de selectie van de beste transplantatiekandidaten op gang brengt.

Het onderzoek geeft slechts antwoord op de vraag of transplantatie levensverlengend is. De vraag of transplantatie de kwaliteit van leven verbetert, wordt niet beantwoord. Dat manco stuit op kritiek in een editorial van Julian Allen, hoofd van de afdeling kinderlongziekten in The Children's Hospital van Philadelphia, dat tegelijk met het onderzoek in NEJM is gepubliceerd. Ook wijst Allen op het gegeven dat tot 2005 kinderen met CF slechts op basis van de wachttijd in aanmerking kwamen voor een transplantatie. Sindsdien werd ook rekening gehouden met de ernst van de ziekte.

Dat laat niet weg dat Allen de studieresultaten als "schokkend" interpreteert. Waar bij een onderzoek naar transplantatie bij volwassen CF-patiënten tranplantatie een meerwaarde heeft als de vijfjaarsoverleving van de ziekte minder dan dertig procent bedraagt, zien onderzoekers bij kinderen geen enkele drempel waarbij een transplantatie het vooruitzicht kan verbeteren.   


Reacties (0)




(Advertentie)