Geplaatst op 3 april 2009 door: Daan Marselis | 1 reacties | Reageer

Basisgegevensset moet kern EPD zijn

Basisgegevensset moet kern EPD zijn

De EPD-basisgegevensset moet de kern worden van het Elektronisch Patiëntendossier (EPD), en alle zorgverleners die het dossier van een patiënt bekijken, moeten kunnen verantwoorden waarom ze iets wel of niet gedaan hebben. Dat staat in het conceptstandpunt Huisarts en EPD – Gegevensbeheer en gegevensuitwisseling van het NHG.

Beleidsmedewerker Ron Helsloot van het NHG benadrukt dat het standpunt nog door de commentaarronde moet. Het gebruik van de EPD-basisgegevensset als kern van het EPD is volgens hem het meest belangrijk. Volgens het voorstel van het NHG zou dit onderdeel een beperkte diagnoselijst en informatie over de voorgeschreven medicatie moeten bevatten. Ook informatie over allergieën, intoleranties, contra- indicaties en comorbiditeit zijn van belang. Voor de 24-uurs huisartsenzorg op de huisartsenpost moet de basisset uitgebreid worden met recente journaalregels.

Mandatering

Het NHG geeft ook een aanzet voor de mandatering op de huisartsenpost. Nu is nog onduidelijk wie verantwoordelijk is voor de (bewerkte) gegevens in het EPD. Het NHG stelt dat de dienstdoende huisarts en de assistent op de hap een eigen verantwoordelijkheid hebben. Ook wijst het NHG erop dat medewerkers van de hap niet verplicht zijn om de patiëntgegevens in het EPD te raadplegen. Dit zou alleen moeten gebeuren als in door de patiënt verstrekte gegevens relevante informatie lijkt te ontbreken. Bij wet is geregeld dat patiënten toegang krijgen tot de gegevens in hun eigen dossier. Het NHG schrijft dat de patiënt in ieder geval de EPD-basisgegevensset in moet kunnen zien. Patiënt en huisarts moeten samen bekijken hoe de informatie ter beschikking wordt gesteld.

  • Reageer (1)
  • Print

Reacties (1)


  • Schram

    08/04/2009

    #1.  In het landelijk EPD komen helemaal geen gegevens! Het wordt een verwijsindex, alle gegevens blijven op de plaats waar ze ontstaan. Synchroniseren met een landelijke database is veel te duur en onderhoudsgevoelig. Als de HIS'sen de privacy- en behandelrelatie problematiek goed in hun systeem oplossen, kan op basis van landelijke protocollen welke de medische beroepsgroepen zullen samenstellen, precies worden ingeregeld in de landelijke verwijsindex wie wat op welk moment mag zien. Dagelijks vinden circa 30 miljoen raadplegingen van medische informatiedossiers plaats, daarvoor zal men nooit het ambtenaren-apparaat installeren om mensen die verkeerd raadplegen tot de orde te kunnen roepen. Voor een steekproef van 1% zijn al circa 10.000 ambtenaren nodig. Kortom: leveranciers van HIS'sen moeten hun huiswerk doen en zorgen dat ze aan het PvE voldoen waarmee ze op de landelijke verwijsindex kunnen aansluiten. Dan hoeven we niet beperkend te denken zoals in bovenstaand artikel, maar kunnen we gerichte 'views' definiëren terwijl de privacy-bescherming optimaal geborgd kan blijven.



(Advertentie)