Hulpverlening Schipholcrash verliep niet goed
De hulpverlening na het ongeval met de Boeing van Turkisch Airlines op 25 februari 2009 kende op verschillende fronten onvolkomenheden. Dat blijkt uit een rapport van de Onderzoeksraad voor de Veiligheid dat vandaag is gepubliceerd.
Zo waren er problemen met betrekking tot de regie over de geneeskundige hulpverlening. De mobiel medische teams (MMT's) werden na de eerste melding van het ongeval niet gealarmeerd. Ondanks drie verzoeken hiertoe van het ambulancepersoneel, zijn de MMT's niet gealarmeerd door de meldkamer Kennemerland noch actief aangeboden door de Meldkamer Ambulancezorg Amsterdam. De MMT's zijn 30 minuten later alsnog door de Landelijke Meldkamer Ambulancezorg gealarmeerd. Het eerste MMT had 45 minuten eerder op de ongevalslocatie kunnen zijn, blijkt uit het rapport.
Triage
Ook heeft bij de triage op de ongevalslocatie vrijwel geen letselregistratie plaatsgevonden. Mede hierdoor had men geen goed beeld van het letsel van de slachtoffers en heeft de spreiding van gewonden en de opschaling van ziekenhuizen niet gestructureerd plaatsgevonden. Het ziekenhuis rampenopvangplan is ook niet consequent toegepast, waardoor de ziekenhuizen niet wisten wat hen te wachten stond.
Locatie
Daarnaast waren er met betrekking tot de locatiebepaling van het ongeval problemen doordat de melding van de ongevalslocatie niet werd gedeeld binnen de meldkamer Kennermerland en ook niet tussen de meldkamers Kennemerland, Amsterdam en Schiphol. Doordat de meldkamer Kennemerland de melding niet correct had vastgelegd, was de informatie niet voor iedereen beschikbaar.
Slachtofferregistratie
Hulpverleners hebben op de plaats van het ongeval de slachtoffers in beperkte mate geregistreerd en geen gebruik gemaakt van slachtofferregistratiekaarten en triagekaarten. Daardoor was het de eerste uren onbekend wie de slachtoffers waren en naar welke ziekenhuizen zij waren vervoerd. Ook de slachtoffers die naar de opvang in de Wildenhorst zijn gebracht werden niet geregistreerd, waardoor de gemeente Haarlemmermeer geen informatie had op basis waarvan zij de registratie van de slachtoffers kon overnemen van de hulpverleners.
Geen coördinatie
Bovendien is het communicatiesysteem C2000 tijdens de hulpverlening niet goed gebruikt. Er is bijvoorbeeld een overbelasting ontstaan doordat te veel gebruikers zonder afstemming en coördinatie gelijktijdig met elkaar wilden spreken. Daardoor hadden de beschikbare kanalen onvoldoende capaciteit.
De Onderzoeksraad voor de Veiligheid concludeert dat het duidelijk is geworden dat zaken niet gestructureerd verlopen als plotsklaps van de dagelijkse routine moet worden afgeweken. Doordat de bovenregionale hulpverlening niet uniform georganiseerd is, wordt de samenwerking bemoeilijkt. Dit is niet het eerste rapport dat de hulpverlening na de vliegtuigcrash bekritiseert. De Inspectie Openbare Orde en Veiligheid kwam vorig jaar eveneens met een kritisch rapport over de ramp.
- Bekeken (2229)
- Reacties (0)
Gerelateerde Berichten
- Huisarts en GGD werken onvoldoende samen op gebied seksuele gezondheid
- Megamaatschapvoorzitter Anco Vahl: 'Er is nooit discussie over geld'
- Richtlijnendatabase moet tegenstrijdige adviezen voorkomen
- SOS-arts niet actief
- Huisarts mag apotheek van broer in praktijk hebben
- Roep om strengere normen voor SEH
- KNMG: niet iedere patiënt kan volledig participeren
- Bekkenletsel door bokkend paard
- MC Groep maakt einde aan vrije vestiging
- Schippers wil af van 'trendy' poli en 'dure' SEH
(Advertentie)



