Geplaatst op 15 september 2016 door: Mednet Redactie | 0 reacties |

Bruin vet-onderzoeker Sander Kooijman 'Rising Star' op EASD-congres

Bruin vet-onderzoeker Sander Kooijman 'Rising Star' op EASD-congres

Elk jaar krijgen vier jonge innovatieve onderzoekers op het gebied van diabetes de kans zich 'Rising Star' te noemen op het congres van de European Association for the Study of Diabetes (EASD). Dit jaar is één van die vier onderzoekers de Nederlander Sander Kooijman. Mednet sprak met hem. Kooijman houdt zich onder meer bezig met de werking van bruin vet.

Elke Rising Star krijgt een Award, een lezing op het EASD-congres en 30.000 euro voor onderzoek. Sander Kooijman (29) is biomedisch wetenschapper/onderzoeker en houdt zijn lezing over hoe neurale regelmechanismen een manier kunnen zijn om obesitas en type 2 diabetes te bestrijden. Kooijman promoveerde vorig jaar cum laude in Leiden bij Patrick Rensen en Louis Havekes op zijn proefschrift Neural control of lipid metabolism and inflammation: implications for atherosclerosis. Momenteel is hij postdoc in Oxford.

Wat heb je onderzocht?

“Mensen met erfelijke obesitas hebben vaak een mutatie in het gen dat codeert voor de melanocortine 4 receptor (MC4R). Als dit eiwit niet goed functioneert of ontbreekt, neemt de eetlust toe terwijl het energieverbruik juist vermindert. We hebben in muizen gekeken of deze effecten gerelateerd zijn aan de activiteit van bruin vet, dat doorgaans vetzuren en glucose verbrandt. We gaven de muizen een MC4R-remmer. Ze gingen inderdaad meer eten, verbrandden minder energie en werden snel zwaarder. Het lagere energieverbruik bleek veroorzaakt door verminderde activiteit vanuit de hersenen naar het bruin vet. Zelfs toen ik de muizen waarbij de MC4R geremd werd precies hetzelfde liet eten als een controlegroep, nam de eerste groep meer in gewicht toe.” 

GLP-1 speelt ook een rol in het onderzoek. Welke?

“We wilden niet alleen het remmen, maar ook het stimuleren van het melanocortinesysteem onderzoeken. Dat deden we met een GLP-1 analoog. Waarom GLP-1-analoga gewichtsafname veroorzaken is niet precies bekend. Wij zagen in ieder geval dat de muizen na toediening van het GLP-1-analogon lichaamsvet verloren, minder aten en meer energie verbruikten. De sympathische signalering vanuit de hersenen naar bruin vet was verhoogd. Dat zou kunnen betekenen dat de gunstige effecten van GLP-1-analoga bij diabetespatiënten deels te verklaren zijn door activatie van bruin vet. Momenteel voeren we een studie uit in mensen om dat verder te onderzoeken.”

Betekent dit misschien iets voor de behandeling van diabetes in de toekomst?

“Ja, uiteindelijk willen toe naar een behandeling tegen obesitas en type 2 diabetes, maar dan is er nog wel een weg te gaan. Ik onderzoek momenteel in Oxford of bruin vet ook bij obese mensen met een mutatie in MC4R een rol speelt. Obesitas of diabetes kunnen we misschien wel tegengaan door bruin vet te activeren met medicijnen, of misschien zelfs door elektrische of magnetische stimulatie van bepaalde zenuwbanen. Een andere strategie is het verhogen van de hoeveelheid bruin vetweefsel in het lichaam. Dat is vermoedelijk nog effectiever. Je kunt wit vetweefsel verbruinen door mensen aan kou bloot te stellen, maar ook op andere manieren. Misschien kunnen we in de toekomst zelfs 3D-weefselprints van bruin vet maken, die we vervolgens bij patiënten plaatsen. Maar dat is nog wel heel futuristisch.”

Welke rol speel dag- en nachtritme in het geheel?

“Bij proefdieren zien we dat ze dikker worden naarmate ze langer aan licht worden blootgesteld. Hoe de relatie licht-donker/warmte-koude precies in elkaar zit, weten we niet, maar de werking van bruin vet is wel afhankelijk van het dag- en nachtritme. Bruin vet is bijvoorbeeld actiever is als je net wakker wordt. ’s Morgens kan het bruin vet dus veel beter verbranden dan later op de dag. Dat zou kunnen betekenen dat mensen ’s morgens goed moeten eten en naarmate de dag vordert steeds minder, tot in de avond wanneer er niets meer genuttigd wordt. Maar of het allemaal werkelijk zo is en hoe je dat dan het beste kunt organiseren, dat gaan we onderzoeken, zowel in muizen als in mensen. Als er meer data zijn, hebben we misschien een manier in handen om obesitas en diabetes effectiever tegen te gaan.”


Reacties (0)




(Advertentie)