Geplaatst op 16 september 2016 door: Mednet Redactie | 0 reacties |

LEADER: Liraglutide eerste GLP-1 receptor agonist met gunstig effect op hart en vaten

LEADER: Liraglutide eerste GLP-1 receptor agonist met gunstig effect op hart en vaten

Een GLP-1 receptor agonist die een gunstig effect heeft op cardiovasculaire uitkomsten: het heeft even geduurd maar de LEADER trial heeft aangetoond dat GLP-1 receptor liraglutide dat gunstige effect heeft en bovendien de mortaliteit verlaagt. De uitkomsten van de trial werden donderdagmiddag bekendgemaakt op het congres van de European Association for the Study of Diabetes (EASD) in München.

LEADER (voluit: Liraglutide Effect and Action in Diabetes: Evaluation of cardiovascular outcome Results) was een dubbelblind onderzoek waarin 9.340 patiënten met type 2 diabetes en een hoog cardiovasculair risico gerandomiseerd werden naar liraglutide 1.8 mg of placebo. Overigens kregen de patiënten ook de standaard zorg, waarbij gestreefd werd naar een HbA1c ≤7.0%. De gemiddelde leeftijd van de patiënten was 64. Ruim 60 procent was man en de duur van de type 2 diabetes was 13 jaar.

De resultaten werden donderdag getoond en besproken door Steven Marso van het Research Medical Centre in Kansas City. Belangrijkste boodschap: liraglutide verlaagt het risico op het samengestelde primaire eindpunt van CV overlijden, niet-fataal myocardinfarct of niet-fatale beroerte met 13% ten opzichte van placebo (95% betrouwbaarheidsinterval [BI]: 3 tot 22%, P=0.01) na 3.8 jaar follow-up.

De GLP1 receptor agonist geeft trouwens een duidelijk vermindering van 22% in overlijden aan een cardiovasculair event (95% BI: 7 tot 34%, P=0.007) terwijl overlijden door andere oorzaken afneemt met 15% (95% BI: 3% tot 26%). Marso: “Niet significant lager ten opzichte van placebo was het voorkomen van een niet-fataal hartinfarct, niet-fatale beroerte en ziekenhuisopname voor hartfalen.”

Renale eindpunt

Marso liet zien dat oogheelkundige minder voorkwamen met liraglutide ten opzichte van placebo. Datzelfde gold voor niercomplicaties. In het samengestelde renale eindpunt was een reductie van 22% te zien (95% BI: 8-33%). Dit renale eindpunt bestond uit: macroalbuminurie, verdubbeling van serum kreatinine (tezamen met een geschatte nierfunctie van ≤45 ml/min/1.73m2) of de noodzaak voor nierfunctie-vervangende therapie. Overigens daalde het HbA1c meer met liraglutide dan met placebo (-0.40%, 95% BI: -0.45-0.34%). Hetzelfde gold voor gewichtsverlies. Dit was groter met liraglutide dan met placebo (-2.3 kg, 95% BI: -2.5 tot -2.0).

Pancreatitis

Michael Nauck, hoofd van de diabetologische onderzoeksafdeling van het St. Josef ziekenhuis in Bochum, Duitsland, stond in zijn verhaal stil bij de bevindingen met betrekking tot de alvleesklier. Opmerkelijk was dat met liraglutide bij 18 patiënten acute pancreatitis optrad, terwijl dat 23 patiënten met placebo voorkwam. Anderzijds kwam cholelithiasis vaker voor bij liraglutide gebruik (145 ten opzichte van 90 patiënten in de placebogroep).

Hypo’s

Liraglutide geeft minder frequent ernstige hypoglykemieën, zo lieten de resultaten ook zien. 114 patiënten hadden dit gehad tegen 153 patiënten met placebo. Volgens de sprekers kon dit deels verklaard worden door het feit dat patiënten uit de placebogroep meer insuline en SU-derivaten gebruikten. Daar stond tegenover dat patiënten uit de liraglutide-groep meer last hebben van vooral gastro-intestinale bijwerkingen.

Lipase- en amylaselevels

Opvallend in de studie was dat bij bijna 25% van de patiënten met liraglutide verhoogde lipase- of amylaselevels voorkwamen zónder symptomen van acute pancreatitis. De onderzoekers moeten deze bevindingen aannemen zonder er een verklaring voor te hebben. "Maar", zei Nauck, "het is wel belangrijk om dit in het achterhoofd te houden wanneer een patiënt met abdominale symptomen komt."

 


Reacties (0)




(Advertentie)