Geplaatst op 18 september 2018 door: Mednet Redactie | 0 reacties |

Managen van eigen gezondheid verbetert door begeleiding

Managen van eigen gezondheid verbetert door begeleiding

Een Nederlandse pilotstudie laat zien dat een diagnostisch traject in de tweede lijn het zelfmanagement van patiënten met astma en COPD aanzienlijk kan verbeteren. Bij patiënten met astma is het effect sterker dan bij COPD-patiënten.

 

Bij patiënten met chronische aandoeningen is het niveau van zelfmanagement geassocieerd met de ziektelast, zorggebruik en zorgkosten. De PAM (Patiënt Activation Measure) meet kennis, vaardigheden en vertrouwen in het kunnen managen van de eigen gezondheid of ziekte. De PAM is bedoeld om meer zicht te krijgen hoe en in welke mate de patiënt zelf van mening is dat hij in staat is om zijn gezondheid te verbeteren. PAM onderscheidt vier verschillende niveaus van zelfmanagement, van heel laag (PAM-1) tot hoog (PAM-4). Veel patiënten met astma en COPD hebben lage PAM-scores.

Verbetering van PAM-score

Bij 76 patiënten met astma en 64 patiënten met COPD werden de PAM-scores gemeten bij aanvang van een diagnostisch traject nadat de patiënt was verwezen naar de tweede lijn en aan het einde van dit traject. Gedurende dit traject van 3 maanden zag de patiënt de longarts tweemaal en de specialistisch verpleegkundige driemaal. Het doel van deze afspraken was het stimuleren van een positieve verandering in gedrag. In beide groepen was er een significante verhoging van de PAM-score te zien (p < 0,001). De resultaten staan in onderstaande tabel 1. Bij patiënten met astma is de verbetering groter dan bij patiënten met COPD.

Tabel 1. PAM-scores voor en na begeleidingstraject

ERS2_tabel 10.1.JPG

Referentie
Antons JC, Koolen N, Niet van der H, et al. Improvements in activation for self-management in patients with chronic airway disease via the COPDnet diagnostic trajectory in secondary care; a pilot study. ERS 2018, Parijs. Sessie 95; PA696.

 


Reacties (0)




(Advertentie)