Psychosociale factoren zoals stress, eenzaamheid of persoonlijkheidskenmerken verhogen het risico op kanker niet. Dat blijkt uit een grote internationale studie onder leiding van het UMC Groningen, waarin gegevens van ruim 420.000 mensen werden geanalyseerd.
De onderzoekers gebruikten voor hun analyses gegevens van ruim 420.000 mensen uit verschillende grote bevolkingsonderzoeken, waaronder Lifelines. Bij deze deelnemers werd op 1 moment hun psychosociale factoren gemeten. Vervolgens keken de onderzoekers wie in de daaropvolgende jaren kanker ontwikkelde. Door de gegevens van meerdere cohorten te combineren, konden ze een betrouwbaar beeld krijgen van mogelijke verbanden tussen psychosociale factoren en het ontstaan van kanker.
Sommige psychosociale factoren, zoals sociale isolatie, leken in eerste analyses het risico op longkanker iets te verhogen. Maar na correctie voor bekende risicofactoren, zoals roken of alcoholgebruik, verdween dat effect.
Voor het effect van het verlies van een dierbare op het risico op longkanker blijkt het beeld iets complexer. Het risico bleef beperkt aanwezig na correctie voor bekende risicofactoren. Roken of andere individuele risicofactoren kunnen dit verband niet volledig verklaren. Rouw is vaak een plotselinge gebeurtenis die meerdere gezondheidsgewoonten tegelijk kan beïnvloeden, zoals slaap, eten of alcoholgebruik. Er is meer onderzoek nodig om dit beter te begrijpen.
Bron: