Goed vergeleken: TNF-alfa- en JAK-remmer in real-life setting

Delen via:
ACR 2023

Een leuke real-world studie uit eigen land: onderzoekers van het Erasmus MC Rotterdam en de Technische Universiteit Twente hebben aangetoond dat JAK-remmer baricitinib zowel niet-inferieur als superieur is aan TNF-alfaremmers in een real-world setting bij patiënten met reumatoïde artritis.1

De EULAR-richtlijnen bevelen bij reumatoïde artritis (RA) aan om met een treat-to-target strategie (T2T) te behandelen. Dat betekent: de medicatie aanpassen op basis van systematische monitoring van ziekteactiviteit, teneinde een gezamenlijk geformuleerd doel (remissie of lage ziekteactiviteit) te bereiken. Maar: wat zet je in als een conventionele DMARD niet werkt? Hoewel klinische studies de effectiviteit en veiligheid hebben aangetoond van TNF- en JAK-remmers, zijn de uitkomsten in die gecontroleerde omstandigheden niet een-op-een te vertalen naar de praktijk van alledag.

ACR50-respons

In deze studie zijn patiënten geïncludeerd die nog niet eerder waren behandeld met biologics of met targeted synthetic DMARD’s (b/tsDMARD’s), een ziekteduur van 5 jaar of korter hadden en refractair waren voor conventionele DMARD’s. Alle 199 patiënten die een dosis TNF-alfaremmer (n = 102) of de JAK-remmer baricitinib (n = 97) ontvingen, zijn open-label behandeld. Dat wil zeggen: volgens het T2T-principe onder regie van hun behandelend arts. De patiënten werden op baseline en 12-wekelijks gezien tot de laatste follow-up (48 weken), waarbij patiënten verschillende PROM’s invulden. Voor de primaire uitkomstmaat is het aantal patiënten dat ACR50-respons bereikte op week 12 vergeleken. De kenmerken van 2 groepen waren vergelijkbaar.

DAS28-CRP-remissie

Op 12 weken was de ondergrens van het 95%-betrouwbaarheidsinterval voor het verschil in de ACR50-respons boven 0, zowel in de per-protocolanalyse als in de intention-to-treatanalyse. Baricitinib bleek dus niet-inferieur en statistisch superieur aan TNFi in de analyse van het primaire eindpunt. Bovendien werd DAS28-remissie (DAS28-CRP < 0,6) bereikt bij 74% van de baricitinib-patiënten vergeleken met 47% van de TNFi-patiënten (p < 0,001) na 12 weken. Alle secundaire klinische en PROM’s over de onderzoeksperiode van 48 weken lieten betere responsen zien (meestal statistisch superieur) van baricitinib ten opzichte van TNFi.

Bron:

  1. Van de Laar M, Oude Voshaar M, ten Klooster P, et al. Baricitinib versus TNF-inhibitors in patients with active rheumatoid arthritis after failure of csdmards: a pragmatic, multicenter, real-life study in a treat-to-target setting. ACR Convergence 2023, abstract 0450.