Minder zorg- en PrEP-gebruik onder MSM tijdens COVID-19

Delen via:
CROI 2022

Bij mannen die seks hebben met mannen (MSM) en die deelnemen aan het AMPrEP-project uit Amsterdam, zijn de effecten van de COVID-19-beperkingen op het gebruik van seksuele gezondheidszorg, pre-expositie profylaxe (PrEP) en de incidentie van soa onderzocht. Tijdens de COVID-19-beperkingen bezochten de deelnemers minder vaak de gezondheidszorg en gebruikten zij minder PrEP.

Van de 305 personen die in de huidige analyse zijn opgenomen, bezocht 72,8% tijdens de COVID-19-pandemie de zorg. Dit omvatte 147 bezoeken tijdens de eerste periode met COVID-19-beperkingen, 190 bezoeken tijdens de tweede periode en 148 bezoeken tijdens de derde periode.

Dagelijks PrEP-gebruik toonde een significant verband met het op controle komen tijdens deze perioden in vergelijking met gebeurtenis-gestuurd PrEP-gebruik (p < 0,001). PrEP-gebruik was tijdens de eerste periode met 55,2% toegenomen of onveranderd, tijdens de tweede periode met 58,1% en tijdens de derde periode met 55,6% toegenomen.

Bij degenen die aangaven tijdens de eerste (p = 0,001) en derde (p = 0,020) periode chemsex te hebben gehad en degenen die evenveel of meer sekspartners hadden ten opzichte van 2019 in de tweede periode (p = 0,010) was het PrEP-gebruik toegenomen of onveranderd gebleven.

De incidentie van soa was significant lager in 2020 dan in 2019 tijdens de eerste periode (IRR = 0,43), maar leek hoger tijdens de tweede (IRR = 1.38) en derde periode (IRR = 1,42), hoewel de verschillen niet significant waren. Dit wijst op een vertraagd diagnose-effect. Er werden geen nieuwe hiv-infecties vastgesteld.

Deze bevindingen onderstrepen dat de seksuele gezondheidszorg ook tijdens perioden met sociale beperkingen toegankelijk moet blijven. Er zijn manieren nodig om deze toegankelijkheid te garanderen.

Bron

De la Court F, et al. Sexual healthcare use, PrEP use, and the incidence of STI among MSM during COVID-19. CROI 2022 Congress, abstract 919.