Provocatietest nuttig om niet-acute bètalactam-overgevoeligheid te diagnosticeren

Delen via:
EAACI 2020

Uit de gegevens van een recent cohortonderzoek uit Australië blijkt dat bij 79,4% van de kinderen met een positieve reactie op een bètalactamantibioticum deze allergie tijdens de verlengde kuur werd vastgesteld. Alle reacties waren mild tot matig en er waren geen gevallen van anafylaxie. Daarom moeten de richtlijnen herzien worden wat betreft dit beoordelingsproces.

Orale provocatietests gelden als de gouden standaard voor het diagnosticeren van overgevoeligheid voor bètalactamantibiotica. In de richtlijnen staan echter tegenstrijdige adviezen over de vraag of na een eenmalige orale provocatietest een verlengde kuur nodig is. Tot 20% van de patiënten met een bevestigde bètalactam-overgevoeligheid wordt gediagnosticeerd tijdens een verlengde kuur.

Cohortonderzoek

450 kinderen (49,5% jongens; gemiddelde leeftijd 7,9 jaar) ondergingen een orale provocatietest voor het antibioticum waar ze allergisch voor waren. Alle kinderen zonder een acute reactie op de orale provocatietest ondergingen een uitgebreide vijfdaagse kuur met het antibioticum waar ze allergisch voor waren.

Bij zeven (1,6%) kinderen ontstond een acute IgE-gemedieerde reactie op de orale provocatietest. De overige 431 kinderen ondergingen een uitgebreide vijfdaagse kuur met het schuldige antibioticum. De meest voorkomende schuldige antibiotica die gebruikt werden in de uitgebreide provocatietest, waren:

  • amoxicilline (55,6%),
  • penicilline (22,2%),
  • amoxicilline/clavulaanzuur (11,1%) en
  • cefalexine (7,4%).

Allergische reactie

Bij 27 kinderen (6,5%) ontstond tijdens de verlengde kuur een allergische reactie op het schuldige antibioticum. Van de kinderen die reageerden op de uitgebreide challenge, had:

  • 44,4% in het verleden een milde reactie (rash, erytheem en/of gastro-intestinale klachten),
  • 33,3% een matige reactie (urticaria, angio-oedeem en/of milde zelflimiterende ademhalingsklachten) en
  • 22,2% symptomen van anafylaxie.

Van de reacties die optraden tijdens de verlengde kuur, traden 23 reacties (85,1%) op tijdens dag 1-5 van de kuur, meestal op dag 1 of dag 2.

Vier reacties (14,8%) traden op binnen 48 uur na stopzetting van de behandeling. 16 kinderen (59,3%) hadden een milde reactie en 11 kinderen (40,4%) een matige reactie. Er waren geen gevallen van anafylaxie.

Bron:

Arnold A, et al. The role of the extended provocation test: Diagnosing non-immediate beta-lactam hypersensitivity in paediatrics. EAACI E-Congress 2020, abstract 1729.

 

Verband tussen interstitiële longafwijkingen, sterfte en multimorbiditeit

aug 2022 | ILD

Lees meer over Verband tussen interstitiële longafwijkingen, sterfte en multimorbiditeit

Baricitinib vermindert sterfte van ernstig zieke COVID-19-patiënten

aug 2022

Lees meer over Baricitinib vermindert sterfte van ernstig zieke COVID-19-patiënten

FEV3/FEV6 bruikbaar voor vroegdetectie van COPD

aug 2022 | COPD

Lees meer over FEV3/FEV6 bruikbaar voor vroegdetectie van COPD

Selexipag verbetert hemodynamiek, maar niet inspanningscapaciteit bij inoperabele CTEPH

jul 2022 | Pulmonale hypertensie

Lees meer over Selexipag verbetert hemodynamiek, maar niet inspanningscapaciteit bij inoperabele CTEPH

Grootste studie naar zelfmanagementinterventie bij CF

jul 2022 | CF

Lees meer over Grootste studie naar zelfmanagementinterventie bij CF

Maak ruimte voor de brede benadering van palliatieve zorg

jul 2022

Lees meer over Maak ruimte voor de brede benadering van palliatieve zorg

Webcast Immuuntherapie: herkennen van bijwerkingen en acties voor de niet-oncoloog

7 sep 2022 om 20:30 | Immuuntherapie

Lees meer over Webcast Immuuntherapie: herkennen van bijwerkingen en acties voor de niet-oncoloog

De wondere wereld van bindweefselziekten

22 jun 2022 | ILD

Lees meer over De wondere wereld van bindweefselziekten

Recidief van chronische rhinosinusitis met nasale poliepen (CRSwNP) na operatie? Wat nu...

22 jun 2022 om 20:00

Lees meer over Recidief van chronische rhinosinusitis met nasale poliepen (CRSwNP) na operatie? Wat nu...

Toegevoegde waarde en praktische toepassing van FeNO bij ernstig astma

16 jun 2022 om 20:00 | Astma

Lees meer over Toegevoegde waarde en praktische toepassing van FeNO bij ernstig astma

Pulmo Pubquiz

31 mei 2022 | COPD, Longoncologie, Pulmonale hypertensie

Lees meer over Pulmo Pubquiz

Small Airways Symposium 2022

10 mei 2022 om 18:00 | Astma, COPD

Lees meer over Small Airways Symposium 2022

Multidisciplinaire aanpak van chronische rhinosinusitis met neuspoliepen (CRSwNP)

30 mrt 2022 om 20:30

Lees meer over Multidisciplinaire aanpak van chronische rhinosinusitis met neuspoliepen (CRSwNP)

Behandeling van eosinofiele aandoeningen EGPA en HES

23 mrt 2022 om 20:30 | Astma

Lees meer over Behandeling van eosinofiele aandoeningen EGPA en HES

Eosinofiel gedreven aandoeningen en de behandeling

23 mrt 2022 om 20:30

Lees meer over Eosinofiel gedreven aandoeningen en de behandeling

Insectengifallergie behandelen met allergie immunotherapie, hoe zinvol is dat?

Lees meer over Insectengifallergie behandelen met allergie immunotherapie, hoe zinvol is dat?

Astma Module 1: Uitdagingen in het diagnostisch proces

Lees meer over Astma Module 1: Uitdagingen in het diagnostisch proces

Astma Module 2: Inzicht in ernstig astma

Lees meer over Astma Module 2: Inzicht in ernstig astma

ERS in ORANJE 2022

maandag 5 sep 2022 van 18:00 tot 21:45 | Pulmonale hypertensie

Lees meer over ERS in ORANJE 2022

Combinatiebehandeling met datopotamab-deruxtecan effectief bij gevorderd NSCLC in fase I-studie

Lees meer
Lees meer over Combinatiebehandeling met datopotamab-deruxtecan effectief bij gevorderd NSCLC in fase I-studie

Langetermijnresultaten eerstelijns pembrolizumab bij gevorderd SCLC

Lees meer
Lees meer over Langetermijnresultaten eerstelijns pembrolizumab bij gevorderd SCLC

Inzicht in rol mutaties bij behandeling met durvalumab plus tremelimumab

Lees meer
Lees meer over Inzicht in rol mutaties bij behandeling met durvalumab plus tremelimumab

Combinatie met amivantamab plus lazertinib geeft respons bij eerder behandeld EGFR+ NSCLC

Lees meer
Lees meer over Combinatie met amivantamab plus lazertinib geeft respons bij eerder behandeld EGFR+ NSCLC

EGFR C797X belangrijke resistentiemutatie na osimertinib

Lees meer
Lees meer over EGFR C797X belangrijke resistentiemutatie na osimertinib

Temozolomide plus nivolumab effectief bij subgroep patiënten met gevorderd SCLC

Lees meer
Lees meer over Temozolomide plus nivolumab effectief bij subgroep patiënten met gevorderd SCLC

Overlevingsvoordeel adjuvant atezolizumab bij PD-L1-positief gereseceerd NSCLC

Lees meer
Lees meer over Overlevingsvoordeel adjuvant atezolizumab bij PD-L1-positief gereseceerd NSCLC

NADIM II-studie bevestigt effectiviteit neoadjuvante chemo-immuuntherapie bij resectabel NSCLC

Lees meer
Lees meer over NADIM II-studie bevestigt effectiviteit neoadjuvante chemo-immuuntherapie bij resectabel NSCLC

Sublobulaire resectie vergelijkbaar met lobectomie bij kleine, perifere NSCLC-tumoren

Lees meer
Lees meer over Sublobulaire resectie vergelijkbaar met lobectomie bij kleine, perifere NSCLC-tumoren

Zorgtransitie: Thuistoedieningspilot met anti-IL5 behandelingen voor ernstig astma

nov 2021 | Astma

Lees meer over Zorgtransitie: Thuistoedieningspilot met anti-IL5 behandelingen voor ernstig astma

MedNet Dermatologie nr 1-2022

jul 2022

Lees meer over MedNet Dermatologie nr 1-2022