Oogheelkunde is een van de specialismen met de langste wachttijden voor nieuwe patiënten. Dit onderstreept een structureel probleem: de vraag naar oogzorg groeit al jaren sneller dan de beschikbare capaciteit.
Vergrijzing, betere behandelopties en een toenemend aantal mensen met oogziekten leggen steeds meer druk op de zorg. Het NOG pleit daarom voor uitbreiding van de opleidingscapaciteit van oogartsen en betere faciliteiten in ziekenhuizen, zoals voldoende spreekkamers, operatiecapaciteit en moderne apparatuur. Met het doel efficiëntie en meer patiënten kunnen zien. Ook wordt ingezet op het verplaatsen van zorg. Met een betaaltitel voor optometrie buiten het ziekenhuis kunnen huisartsen patiënten met bepaalde oogklachten direct verwijzen naar een optometrist in de eerste lijn. Dit maakt zorg toegankelijker en ontlast de specialist. Daarnaast dragen zelfstandige behandelcentra bij aan extra capaciteit, vooral voor planbare zorg zoals staaroperaties. Complexe zorg blijft echter afhankelijk van ziekenhuizen. Daarom zijn samenwerking, regionale afstemming en investeringen essentieel om de groeiende zorgvraag op te vangen.
Bron: