Chemotherapie en de menstruatiecyclus: maakt timing verschil?

Delen via:

Kan het moment waarop chemotherapie wordt gestart invloed hebben op de behandeluitkomst bij borstkanker? Preklinische data en retrospectieve patiëntenanalyses suggereren van wel. In de lopende ChemoSENSE-studie wordt dit nu prospectief onderzocht bij premenopauzale vrouwen met triple-negatieve borstkanker. Prof. dr. S.C. (Sabine) Linn: “Als dit echt klopt, dan hebben we iets heel eenvoudigs in handen om de behandeling te verbeteren.”

Het idee ontstond vanuit fundamenteel onderzoek naar borstklierweefsel bij de groep van prof. dr. Jacco van Rheenen (NKI). Onderzoekers dr. Colinda Scheele en dr. Laura Bornes vroegen zich af of borstkankercellen zich anders gedragen tijdens verschillende fasen van de cyclus. Het was al bekend dat normale borstkliercellen meer delen in de folliculaire fase dan in de luteale fase. “Dat is fysiologisch gezien logisch: het borstklierweefsel bereidt zich voor op een mogelijke zwangerschap”, vertelt internist-oncoloog prof. dr. Sabine Linn (Antoni van Leeuwenhoek/NKI). In muismodellen met mammatumoren bleken kankercellen in het eerste deel van de cyclus óók sneller te delen dan in het tweede. “En toen viel het kwartje”, zegt Linn. “Chemotherapie grijpt vooral aan op delende cellen. Dus de vraag was: maakt het uit wanneer je die chemo geeft?”

Rol van immuunsysteem

In de diermodellen bleek dat inderdaad het geval. Muizen die chemotherapie kregen in het eerste deel van hun cyclus reageerden aanzienlijk beter dan dieren die in de tweede helft werden behandeld. Maar proliferatie was waarschijnlijk niet het hele verhaal. “We zagen ook aanwijzingen dat het immuunsysteem meespeelt”, legt Linn uit. “In de tweede helft van de cyclus wordt het afweersysteem toleranter, waarschijnlijk als voorbereiding op een eventuele zwangerschap. Dat is evolutionair logisch, maar voor kankerbehandeling mogelijk ongunstig. Met name lymfocyten lijken namelijk een belangrijke rol te spelen bij de effectiviteit van chemotherapie.”

Eerste aanwijzingen bij patiënten

De volgende stap was de vertaalslag naar patiënten. “Jacco vroeg: Hebben jullie bloedmonsters van vrouwen die borstkanker hebben gehad en neoadjuvante chemotherapie kregen? Hij zocht specifiek bloedmonsters van rond de toediening van de eerste kuur. Daaruit kun je met progesteronwaarden namelijk schatten in welke fase van de cyclus de behandeling is gestart.” Vrouwen die de pil gebruikten of medicatie kregen om de ovaria tijdelijk stil te leggen, werden uitgesloten van de analyses. “We begonnen met duizenden bloedmonsters, maar na de schifting bleven er slechts 55 vrouwen over”, zegt Linn. “Toch zagen we dat vrouwen die in het eerste deel van hun cyclus begonnen met chemotherapie, bij de operatie vaker een pathologisch complete respons (pCR) hadden dan vrouwen die in de tweede helft startten.” Voor HR+/HER2- borsttumoren was dit ± 24% (4/17) versus ± 8% (1/13), en voor triple-negatieve borstkanker ± 82% (14/17) versus ± 13% (1/8).

ChemoSENSE: prospectieve bevestiging

Deze bevindingen vormden de basis voor de ChemoSENSE-studie, een prospectieve observationele studie bij premenopauzale vrouwen met triple-negatieve borstkanker geleid door arts-onderzoeker Sarah Prückl. Voor triple-negatieve borstkanker is er geen andere behandeling dan chemotherapie (bij stadium II en III sinds kort ondersteund door immuuntherapie), verklaart Linn. “pCR is bij hen daarnaast sterk gecorreleerd aan prognose. Als bij de operatie geen tumorcellen meer worden gevonden, is er vaak geen aanvullende behandeling meer nodig.” In de ChemoSENSE-studie wordt nog niets aangepast aan de standaardzorg. “We gaan de timing niet beïnvloeden”, benadrukt Linn. “We willen eerst weten of het effect dat we retrospectief zagen, echt reproduceerbaar is.”

Registratiecohort

Vrouwen die hormonale anticonceptie gebruiken of een LHRH-agonist krijgen kunnen niet deelnemen aan de hoofdstudie, maar wel worden opgenomen in een registratiecohort. Bij muizen bleek namelijk dat het uitschakelen van de ovariumfunctie – bijvoorbeeld door ovariëctomie – leidde tot een even goede chemorespons als behandeling in de ‘gunstige’ cyclusfase. Dat sluit aan bij eerdere klinische observaties. In studies waarin LHRH-agonisten werden gebruikt om vruchtbaarheid te behouden tijdens chemotherapie, bleek de oncologische uitkomst soms onverwacht beter. “Dat werd toen afgedaan als toeval”, zegt Linn. “Maar achteraf zou dit mechanisme daar best iets mee te maken kunnen hebben.”

Pre- en postmenopauzaal

De vraag hoe dit zich vertaalt naar postmenopauzale vrouwen is complex. In muismodellen lijkt het uitschakelen van de ovaria gunstig voor chemogevoeligheid, maar in de kliniek spelen veel meer factoren mee. “Binnen triple-negatieve borstkanker bestaan meerdere subtypen”, legt Linn uit. “Het subtype dat het gevoeligst is voor klassieke anthracycline-chemotherapie komt vaker voor bij jongere vrouwen. Daarnaast neemt de fitheid van het immuunsysteem af met de leeftijd.”

Andere tumoren

Hoewel ChemoSENSE zich richt op triple-negatieve borstkanker, liet de eerdere retrospectieve studie zien dat timing ook relevant kan zijn bij hormoonreceptorpositieve en HER2-positieve tumoren. “Bij HER2-positieve ziekte speelt het immuunsysteem een belangrijke rol in de werking van anti-HER2-therapie”, zegt Linn. “Dus het is heel goed denkbaar dat de hormonale context ook daar invloed heeft.” De onderzoekers werken samen met een groep uit Leuven, die een vergelijkbare studie in voorbereiding heeft bij HER2-positieve patiënten. Daarnaast is er belangstelling voor mogelijke effecten van de menstruatiecyclus bij immuuntherapie. En ten slotte zou het principe mogelijk ook relevant kunnen zijn voor andere typen kanker. “We zetten nu de eerste stappen bij eierstokkanker, maar willen misschien ook naar darmkanker gaan kijken.”

Proliferatie stimuleren

Het concept om tumorcellen ‘gevoeliger’ te maken voor chemotherapie is niet nieuw. In de jaren 80 werd onderzocht of oestrogeentoediening vóór neoadjuvante chemotherapie de respons kon verbeteren door proliferatie te stimuleren. Dat leidde in kleine studies tot relatief hoge pCR-percentages. Een latere grotere, gerandomiseerde studie, uitgevoerd in de gemetastaseerde setting, liet echter geen effect zien. “Dat heeft mogelijk te maken met de andere studieopzet”, vermoedt Linn. “Als de primaire tumor er nog zit, komen er veel tumorantigenen vrij in reactie op de chemotherapie. Dat kan het immuunsysteem helpen om naast de primaire tumor ook micrometastasen op te ruimen. In de gemetastaseerde setting is er vaak al chemoresistentie opgetreden door eerdere behandeling en is het immuunsysteem minder fit. Misschien zou het interessant kunnen zijn om stimulatie van proliferatie opnieuw te onderzoeken in de neoadjuvante setting.”

Inclusie

Sommige oncologen overwegen inmiddels om waar mogelijk chemotherapie te starten in de eerste cyclushelft. Dat kan invloed hebben op de studie-uitkomsten, maar dat risico is ingecalculeerd in de studieopzet. “We mikken op een pCR-percentage van minstens 70% in de gunstig getimede groep”, zegt Linn. “Normaal ligt het in de hele groep rond de 50 tot 60%. Als we in de gunstig getimede groep een pCR-percentage van 70 vinden, is dat al heel betekenisvol.”
De inclusie verloopt nog wel langzaam. In de registratiestudie zitten nu 10 patiënten, en in de hoofdstudie slechts 2. Dat is goed verklaarbaar, zegt Linn. “In heel Nederland hebben ongeveer 1.500 vrouwen triple-negatieve borstkanker, van wie krap een derde premenopauzaal is. Van hen gebruikt ongeveer de helft de pil of krijgt hormonen om de eierstokken te beschermen tegen chemotherapie. Dan hou je dus zo’n 250 vrouwen over, verdeeld over 70 ziekenhuizen. Op dit moment zijn we pas in 2 of 3 centra open. Maar met geld van Oncode gaan we binnenkort in meer centra starten. We hopen de inclusie dan binnen 2 tot 2,5 jaar gereed te hebben. Het zou natuurlijk veel helpen als internist-oncologen vrouwen die aan de inclusiecriteria voldoen, naar een van de studiecentra doorverwijzen.”

Blinde vlek

Volgens Linn raakt het onderzoek aan een bredere blinde vlek in de oncologie: vrouwelijke hormonale dynamiek wordt zelden expliciet meegenomen in behandelstudies. “Meestal maken we alleen onderscheid tussen pre- en postmenopauzaal”, zegt ze. “Maar binnen die premenopauzale groep doen we alsof iedereen biologisch hetzelfde is. Er is nog zo weinig onderzoek gedaan naar cyclische veranderingen en hun invloed op behandelingen. Dat is natuurlijk eigenlijk bizar.”

Lokale behandeling van uitgebreide uitzaaiingen darmkanker levert niets extra’s op 

mrt 2026 | Maag-darm-leveroncologie

Lees meer over Lokale behandeling van uitgebreide uitzaaiingen darmkanker levert niets extra’s op 

Poster in de prijzen: nicotinamide voor de preventie van melanoom

mrt 2026 | Dermato-oncologie

Lees meer over Poster in de prijzen: nicotinamide voor de preventie van melanoom

Chemotherapie en de menstruatiecyclus: maakt timing verschil?

mrt 2026 | Borstkanker, Gynaecologische oncologie

Lees meer over Chemotherapie en de menstruatiecyclus: maakt timing verschil?

Stress en eenzaamheid verhogen het risico op kanker niet

mrt 2026

Lees meer over Stress en eenzaamheid verhogen het risico op kanker niet

9-jaarsdata CheckMate 238: nivolumab voor gereseceerd stadium III/IV-melanoom

mrt 2026 | Dermato-oncologie, Immuuntherapie

Lees meer over 9-jaarsdata CheckMate 238: nivolumab voor gereseceerd stadium III/IV-melanoom

ESCUDDO: Non-inferioriteit van eenmalige HPV-vaccinatie

mrt 2026 | Gynaecologische oncologie, Vaccinatie

Lees meer over ESCUDDO: Non-inferioriteit van eenmalige HPV-vaccinatie

Cardiovasculair Risico bij Prostaatkanker

25 sep 2025 | Uro-oncologie

Lees meer over Cardiovasculair Risico bij Prostaatkanker

Multidisciplinaire behandeling van N1M0 prostaatkanker

17 mrt 2025 om 20:00 | Chirurgie, Radiotherapie, Uro-oncologie

Lees meer over Multidisciplinaire behandeling van N1M0 prostaatkanker

Wat is de rol van AI en eHealth bij IBD?

19 feb 2025 | IBD

Lees meer over Wat is de rol van AI en eHealth bij IBD?

Recent advances in the use of CAR T-cell therapies in relapsed/refractory diffuse large B-cell lymphoma and follicular lymphoma

1 okt 2024 om 12:00 | Lymfoom

Lees meer over Recent advances in the use of CAR T-cell therapies in relapsed/refractory diffuse large B-cell lymphoma and follicular lymphoma

Opioïden in de 2e lijn: Sleutels tot effectieve bestrijding van maligne pijn

10 sep 2024 om 20:00

Lees meer over Opioïden in de 2e lijn: Sleutels tot effectieve bestrijding van maligne pijn

Pakketbeslissingen en (on-)zekere kosteneffectiviteit: Willingness to Pay voor geneesmiddelen

1 jul 2024

Lees meer over Pakketbeslissingen en (on-)zekere kosteneffectiviteit: Willingness to Pay voor geneesmiddelen

Challenges in advanced Cutaneous T-cell Lymphoma (CTCL) – diagnosis and management

10 jun 2024 om 16:30 | Lymfoom

Lees meer over Challenges in advanced Cutaneous T-cell Lymphoma (CTCL) – diagnosis and management

Keynote webinar: Spotlight on antibody–drug conjugates in cancer

19 feb 2024 om 17:30 | Borstkanker

Lees meer over Keynote webinar: Spotlight on antibody–drug conjugates in cancer

Niet-melanoom huidkanker in de regio

31 aug 2023 | Dermato-oncologie, Radiotherapie

Lees meer over Niet-melanoom huidkanker in de regio
Er zijn geen e-learnings gevonden.

Chicago op Schier 2026

zondag 31 mei 2026 t/m woensdag 3 jun 2026

Lees meer over Chicago op Schier 2026

Hogere kans op respons bij bijwerkingen van immunotherapie

apr 2018 | Immuuntherapie, Longoncologie

Lees meer over Hogere kans op respons bij bijwerkingen van immunotherapie

Real-world data osimertinib tonen effect op hersenmetastasen

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Real-world data osimertinib tonen effect op hersenmetastasen

Negatief resultaat necitumumab/abemaciclib bij stadium IV NSCLC

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Negatief resultaat necitumumab/abemaciclib bij stadium IV NSCLC

Afatinib beïnvloedt progressie hersenmetastasen

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Afatinib beïnvloedt progressie hersenmetastasen

Verminderde kwaliteit van leven na profylactische schedelbestraling

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Verminderde kwaliteit van leven na profylactische schedelbestraling

Micro-RNA prognostische factor voor effect afatinib

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Micro-RNA prognostische factor voor effect afatinib

Hoeveelheid EGFR-mutaties gerelateerd aan effect eerste generatie EGFR-TKI’s

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Hoeveelheid EGFR-mutaties gerelateerd aan effect eerste generatie EGFR-TKI’s

Effect sigarettenrook op longkankercellen mogelijk doelwit voor behandeling

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Effect sigarettenrook op longkankercellen mogelijk doelwit voor behandeling

Nieuwe resultaten FLAURA-studie met osimertinib

apr 2018 | Longoncologie

Lees meer over Nieuwe resultaten FLAURA-studie met osimertinib

Podcast: EGFR ex20ins gemuteerd NSCLC in de dagelijkse klinische praktijk - Sushil Badrising

nov 2024 | Longoncologie

Lees meer over Podcast: EGFR ex20ins gemuteerd NSCLC in de dagelijkse klinische praktijk - Sushil Badrising

Podcast: EGFR ex20ins gemuteerd NSCLC in de dagelijkse klinische praktijk - Jan von der Thüsen

nov 2024 | Longoncologie

Lees meer over Podcast: EGFR ex20ins gemuteerd NSCLC in de dagelijkse klinische praktijk - Jan von der Thüsen

Podcast: EGFR ex20ins gemuteerd NSCLC in de dagelijkse klinische praktijk

feb 2024 | Longoncologie

Lees meer over Podcast: EGFR ex20ins gemuteerd NSCLC in de dagelijkse klinische praktijk

Podcast: Progress in PARP inhibitors - An exciting option for treating metastatic prostate cancer?

dec 2023 | Uro-oncologie

Lees meer over Podcast: Progress in PARP inhibitors - An exciting option for treating metastatic prostate cancer?

Slokdarm- en maagkanker

jun 2021 | Chirurgie, Maag-darm-leveroncologie

Lees meer over Slokdarm- en maagkanker

Impact van COVID-19 op bevolkingsonderzoek darmkanker in Nederland

feb 2021 | Maag-darm-leveroncologie

Lees meer over Impact van COVID-19 op bevolkingsonderzoek darmkanker in Nederland

MedNet Oncologie 2026-01

mrt 2026

Lees meer over MedNet Oncologie 2026-01

MedNet Oncologie 2025-06

dec 2025

Lees meer over MedNet Oncologie 2025-06

MedNet Oncologie 2025-05

nov 2025

Lees meer over MedNet Oncologie 2025-05

MedNet Oncologie 2025-04

sep 2025

Lees meer over MedNet Oncologie 2025-04

MedNet Oncologie 2025-03

jul 2025

Lees meer over MedNet Oncologie 2025-03

MedNet Oncologie special Longkanker

mei 2025

Lees meer over MedNet Oncologie special Longkanker

MedNet Oncologie 2025-02

mei 2025

Lees meer over MedNet Oncologie 2025-02

MedNet Oncologie 2025-01

feb 2025

Lees meer over MedNet Oncologie 2025-01

MedNet Oncologie 2024-06

dec 2024

Lees meer over MedNet Oncologie 2024-06

Zet de patiënt centraal bij behandelbeslissingen over het combineren androgeendeprivatietherapie

feb 2026 | Uro-oncologie

Lees meer over Zet de patiënt centraal bij behandelbeslissingen over het combineren androgeendeprivatietherapie

Moeten alle prostaatkankers worden behandeld?

sep 2023

Lees meer over Moeten alle prostaatkankers worden behandeld?

Whitepaper: 24 Veelgestelde vragen en antwoorden over long COVID

feb 2022

Lees meer over Whitepaper: 24 Veelgestelde vragen en antwoorden over long COVID