Voor deze aios corner ga ik in gesprek met dr. Anne-Fré Swager en dr. Karin Koopman, beiden MDL-arts. Zij zetten samen de eerste stappen naar een kliniek voor behandeling van mensen met aandoeningen van de hersen-darm-as – ook wel functionele buikklachten genoemd – zoals het prikkelbaredarmsyndroom (PDS) en functionele dyspepsie. Afgelopen februari verscheen hierover een mooi artikel in MAGMA. Nieuwsgierig naar hun ambitieuze plannen stuurde ik beiden een berichtje met de vraag of ik hen voor deze rubriek mocht interviewen, want ik ben benieuwd naar hun ambities en persoonlijke overwegingen. Ze reageerden allebei direct uiterst enthousiast.
Van frustratie naar plan
Hoe zijn jullie op dit idee gekomen? “We liepen allebei aan tegen de beperkingen van het ziekenhuissysteem als het gaat om de zorg voor mensen met functionele buikklachten,” vertelt Karin. “Overal wordt gestreefd naar efficiëntere zorg, maar voor deze patiëntengroep werkt dat averechts. Zij hebben juist meer tijd nodig, en dat past niet in een standaard polikliniekconsult.” Tijdens het drinken van een kop koffie kreeg het idee van Karin en Anne-Fré steeds meer vorm. Uiteindelijk zetten ze de volgende stap en ze stopten als MDL-arts in het ziekenhuis.
Anne-Fré vertelt dat er aan die beslissing een langere zoektocht voorafging. “Ik merkte een enorme drive voor deze patiëntengroep, en ik had het gevoel dat het me op mijn toenmalige werkplek niet zou gaan lukken om de zorg voor deze groep te organiseren, zoals me dat voor ogen stond. Ik ben teruggegaan naar de basis: wat wil ik, wat kan ik, en wat zijn mijn kernwaarden en kernkwaliteiten? Ik heb met een coach gesproken, en er waren best wat eyeopeners. Die drive bleek uniek en belangrijk – bijna fysiek voelbaar. Daar moest ik iets mee.”
Ze vond in Karin iemand die dezelfde beperkingen ervoer in de reguliere zorg voor patiënten met functionele klachten en eenzelfde drive had om de zorg voor deze groep te verbeteren. Karin vertelt: “Ik kreeg wel de ruimte in het ziekenhuis dit type zorg te verbeteren, maar sommige dingen waren gewoonweg niet mogelijk of poliklinisch niet beschikbaar. Dan moest ik bijvoorbeeld mensen opnemen omdat die zorg klinisch wel beschikbaar was, en dat gaat gewoonweg niet altijd.”
Van idealistisch naar realistisch
Aanvankelijk hadden Karin en Anne-Fré het plan een eigen kliniek op te zetten. Inmiddels zijn ze van een idealistisch naar een realistisch beeld bewogen. “In het begin hadden we het ideaalbeeld: voldoende tijd, zelf opgeleide paramedische zorg, alles onder 1 dak, op dezelfde gang,” zegt Karin. “Maar de DBC-structuur is daar simpelweg niet groot genoeg voor.” Daar zijn natuurlijk ook enorme financiële investeringen voor nodig, vertelt Anne-Fré. Maar ook passen de taken en werkzaamheden die horen bij een eigen kliniek niet bij hun ambities en interesses. “We willen ons blijven focussen op patiënten. Iemand vroeg mij ‘ben je een ondernemer of een ondernemende dokter?’ Dat deed ons realiseren dat we met name medisch inhoudelijk bezig willen zijn en minder met de randzaken.” Karin vertelt lachend: “We willen liever nog niet bezig zijn met een declaratiesysteem, optuigen van een elektronisch patiëntendossier en kwaliteitssysteem.”
Zodoende zijn ze nu in gesprek met een andere partij om te gaan werken onder de vlag van een zelfstandig centrum. Vanuit daar willen ze samenwerken met zorgpartners die ze goed kennen. Zo kan de (para)medische zorg – met diëtist, psycholoog, hypnotherapeut, psychiater, (bekkenbodem-)fysiotherapeut – ook geleverd worden in diens eigen praktijk. Middels regelmatige MDO’s en terugrapportage zullen ze ervoor zorgen dat ze de patiënten blijven volgen en dezelfde taal blijven spreken. Op dit moment zijn Karin en Anne-Fré op zoek naar de juiste mensen voor het multidisciplinaire team. Via via en via (sociale) media krijgt het team steeds meer vorm. Er zijn inmiddels een goede diëtist en hypnotherapeut aangehaakt. Ze zijn ook van plan te werken volgens de Centering-methodiek en met peer support-groepen. Dit zijn andere manieren van zorg verlenen die hun wortels hebben in de verloskunde en GGZ, en al succesvol zijn gebleken in de diabeteszorg. Het gaat om groepssessies waarin uitleg wordt gegeven en ervaringen worden gedeeld – met hierbij betrokkenheid en de inzet van een opgeleide ervaringsdeskundige. “Het doel is om de regie terug te leggen bij de patiënt,” verduidelijkt Karin. “We zullen ernaar streven dat patiënten zelf weten wat ze moeten doen als hun klachten veranderen of verergeren, zonder daar per se een dokter of nieuw aanvullend onderzoek bij nodig te hebben.”
Van dokter naar ondernemer – en vice versa
Op dit moment zijn Karin en Anne-Fré bezig zich te bekwamen in de zakelijke kant van de zorg. ‘Bijspijkeren’ noemt Karin het. “De laatste tijd zijn er flink wat kwartjes gevallen.” Er blijken verrassend veel mensen in hun netwerk te zitten met kennis van deze andere kant van de zorg, waar in de opleiding tot MDL-arts weinig aandacht voor is. “Mensen zijn heel welwillend om ons een paar stappen verder te helpen,” aldus Anne-Fré. Zij heeft in haar aios-tijd de aios Talentenklas gedaan en meegedaan aan de Zorgambassade, een nationale denk- en doetank voor de zorg waarin een groep diverse zorgprofessionals zich buigt over een bepaald probleem in de zorg. “Ik had niet van tevoren bedacht deze eigen richting in te slaan, maar hierdoor ben ik wel in aanraking gekomen met zorgverzekeraars, ziekenhuisbestuurders en coaches. Zo heb ik een fijn netwerk opgebouwd. Daar plukken we nu de vruchten van.” Ze vervolgt: “Desondanks zie ik mijzelf dus niet als ondernemer, maar als ondernemende dokter. Ik wil geen kliniekmanager worden omdat daar niet mijn talent ligt – en het kost bovendien genoeg headspace om alleen al het medisch-inhoudelijke deel goed te regelen.”
Karin: “We willen bijvoorbeeld vanaf het begin data verzamelen om wetenschappelijk hard te maken dat onze aanpak goedkoper en minder belastend is: minder ziekenhuisbezoeken, minder aanvullend onderzoek, geen 5 rondes van dezelfde diagnostiek in opeenvolgende jaren en minder ziekmeldingen en uitval. Een eenmalig hoger bedrag zal zich binnen een paar maanden op deze manier terugverdienen. Maar het huidige systeem vraagt hiervoor wel om bewijs.” Op deze manier proberen zij hun ambities als MDL-arts te combineren met wetenschap, innovatie en ondernemerschap.
Meer flexibiliteit
Een eigen kliniek opzetten is ambitieus – en beiden hebben ook (jonge) kinderen. Toch beschrijven ze de huidige fase juist als een periode van meer rust. “We werken nu allebei een paar dagen in de week als zzp’er MDL-arts en daarnaast hebben we tijd om na te denken over de kliniek,” vertelt Karin.
Anne-Fré vervolgt: “Dat geeft juist meer balans. Rust thuis, geen diensten meer, grotendeels je eigen werktijd bepalen en meer tijd met de kinderen.” Waar ze als jonge klare ’s avonds vaak uitgeput thuiskwam, is er nu ruimte en rust om de plannen uit te denken waar zij zo enthousiast van wordt.
Dat de behoefte aan een multidisciplinaire kliniek voor PDS groot is, bleek uit recente enquêtes in samenwerking met de PDSB (patiëntenbelangenvereniging) die veelvuldig werden ingevuld. Zowel patiënten als MDL-artsen en huisartsen hebben veel interesse en willen graag doorverwijzen.
Een groeiend netwerk
Anne-Fré en Karin merken dat er steeds meer gelijkgestemden zijn die met een bredere blik willen kijken naar de patiënt met een aandoening van de hersen-darm-as en multidisciplinaire behandeling willen omarmen. Tijdens het NeuroGASTRO congres in 2025 in Londen hebben we een werkgroep van gelijkgestemde collega’s opgericht. Dit is inmiddels uitgegroeid tot zo’n 20 MDL-artsen die elke 2 à 3 maanden bijeenkomen. Ze bespreken complexe casuïstiek en gezamenlijke doelen om de neurogastro-enterologische zorg landelijk te verbeteren. Ook het landelijk expertisecentrum in Maastricht schuift aan.
Karin licht toe: “Voor moeilijk te behandelen patiënten is het fijn om een klankbord te hebben bij een groep gelijkgestemden die op de hoogte zijn van wat kan – en wat niet. Vaak is dan een verwijzing naar Maastricht niet meer nodig.” We zijn nog een officieuze werkgroep, maar wellicht dat we dit in een later stadium verder zullen formaliseren. We hebben ook de ambitie om kennis over hersen-darm-as-aandoeningen te vergroten bij onze eigen beroepsgroep en ook bij eerstelijnscollega’s. Als eerste stap zullen we in samenwerking met de NVMDL-commissie NGM een symposium organiseren tijdens de Digestive Disease Days van 2027.
Advies voor aios
Op de langere termijn hopen ze ook iets op te zetten voor aios, vertelt Karin. “We denken bijvoorbeeld aan webinars en aan een korte stage, zodat ook aios meer kennis kunnen opdoen over de behandeling van deze patiëntengroep. Nu kan alleen in Maastricht de motiliteitsstage gevolgd worden waar diverse aandoeningen van de hersen-darm-as de revue passeren. Daar liepen we allebei 4 maanden stage. Dat was heel leuk en leerzaam, maar de afstand is logistiek uitdagend met een jong gezin.”
Anne-Fré geeft tot slot een heldere boodschap mee: “Als je het gevoel hebt dat de manier van werken binnen de ziekenhuiswereld je niet helemaal past, ga dan gewoon eens kijken op andere plekken. Kijk om je heen en volg je onderbuikgevoel. Durf een andere stap te zetten. En bel eens met collega’s – als aios denk je al snel dat iedereen het allemaal voor elkaar heeft, maar dat beeld klopt lang niet altijd.”
Er zijn steeds meer gelijkgestemden die een multidisciplinaire behandeling voor patiënten met een aandoening van de hersen-darm-as willen omarmen
“Voor aios denken we bijvoorbeeld aan webinars en aan een korte stage, zodat ook zij meer kennis kunnen opdoen over de behandeling van deze patiëntengroep