Klinische en biologische markers bieden inzicht in risico op orgaanschade bij kinderen met cSLE

Delen via:

Verschillende klinische en biologische kenmerken kunnen bijdragen aan een betere risicostratificatie van kinderen met childhood-onset systemische lupus erythematosus (cSLE). Dat blijkt uit het proefschrift van Sandy Bergkamp, die op 2 oktober promoveerde aan de Universiteit van Amsterdam.

Het proefschrift van Bergkamp richt zich op kenmerken die inzicht kunnen geven in het ziektebeloop en het risico op orgaanschade en daarmee kunnen bijdragen aan meer gepersonaliseerde behandeling.

In een longitudinale studie met 53 kinderen bleek een sclerodermiepatroon bij nagelriemcapillaroscopie bij ongeveer een op de vijf patiënten voor te komen. Dit patroon was geassocieerd met anti-RNP-antilichamen. Hoewel geen verband met ziekteactiviteit werd gevonden, ontwikkelde meer dan de helft van deze patiënten binnen vijf jaar orgaanschade.

Ook onderzoek naar serummarkers liet zien dat endotheelactivatie kan blijven bestaan bij patiënten met een lage klinische ziekteactiviteit. Dit kan mogelijk bijdragen aan cardiovasculaire schade op langere termijn.

Daarnaast valideerde Bergkamp de childhood Lupus Low Disease Activity State (cLLDAS) in een cohort van 50 kinderen. Orgaanschade trad op bij ruim een derde van de patiënten, vaak al binnen het eerste jaar na diagnose. Afrikaanse/Afro-Caribische afkomst en neuropsychiatrische betrokkenheid waren belangrijke risicofactoren.

Bron:

Stichting NVLE Fonds