Patiënten met retinale veneuze occlusie hebben vaak niet-gediagnosticeerd obstructief slaapapneu

Delen via:

Recent onderzoek wijst erop dat obstructief slaapapneu een mogelijke risicofactor is voor retinale veneuze occlusie, maar de prevalentie van deze slaapaandoening bij patiënten met een veneuze afsluiting is niet precies bekend. Een nieuwe Amerikaanse studie toont nu dat obstructief slaapapneu vaak voorkomt bij deze patiëntengroep en dat er sprake is van onderdiagnostiek.

De onderzoekers voerden enerzijds een retrospectief cohortonderzoek uit, waarbij ze 321 patiënten includeerden met een recente diagnose retinale veneuze occlusie (RVO), ongeacht de vorm. Op basis van de medische voorgeschiedenis stelden ze vast of deze patiënten eerder een diagnose obstructief slaapapneu (OSA) hadden gekregen. De onderzoekers selecteerden vervolgens 49 van de 321 patiënten voor een prospectief onderzoek. Dat bestond uit een eenmalig slaaponderzoek, een polysomnografie, op basis waarvan wel of geen diagnose OSA werd gesteld. De onderzoekers vergeleken vervolgens de prevalenties van OSA op basis van de medische voorgeschiedenis en polysomnografie.

In het retrospectieve cohort hadden slechts 18 van de 321 patiënten (5,6%) een diagnose OSA, op basis van de medische voorgeschiedenis. In het prospectieve cohort stelden de onderzoekers op basis van polysomnografie de diagnose OSA bij 42 van de 49 patiënten (85,7%). Ruim 3 op de 5 van deze diagnoses betrof een middelmatige tot ernstige vorm.

De onderzoekers concluderen dat patiënten met een recente diagnose RVO vaak ook niet-gediagnosticeerde OSA hebben. Oogartsen spelen volgens de auteurs een belangrijke rol in de verwijzing van deze patiënten voor polysomnografie, als dat geïndiceerd is.

Referentie:

Higgins P Jr, Isaac B, Shmushkevich SB, et al. High Incidence of Sleep Apnea in Patients with Retinal Vein Occlusions. Retina. 2026.