In 1996 richtten infectiologen, medisch microbiologen en ziekenhuisapothekers de Stichting Werkgroep Antibioticabeleid (SWAB) op, met als doel het antibioticagebruik in Nederland verstandig en effectief te houden en zo de ontwikkeling van resistentie af te remmen.1 30 jaar later behoort de antibioticaresistentie in Nederland nog altijd tot de laagste van Europa.2 Internist-infectioloog em. prof. dr. Jos van der Meer, een van de grondleggers van de SWAB, vertelt over het ontstaan van de stichting, de mijlpalen van de afgelopen decennia en de uitdagingen voor de toekomst.
Toen Van der Meer in 1988 van Leiden naar Nijmegen verhuisde en werd benoemd tot hoogleraar Algemeen Interne Geneeskunde bij de Radboud Universiteit, was de aandacht voor infectieziekten en medische microbiologie nog maar beperkt. “Tegelijkertijd nam wereldwijd de antibioticaresistentie steeds verder toe. Dit was voor mij dan ook een reden om actie te ondernemen, met name op het gebied van wat we later ‘antimicrobial stewardship’ zijn gaan noemen”, vertelt Van der Meer.
Mede gevoed door eerdere zorgen over resistente Campylobacter-stammen als gevolg van grootschalig fluorochinolonengebruik in de veeteelt, ontstond bij hem tijdens een treinreis naar Brussel het idee voor een stichting die het Nederlandse antibioticabeleid in betere banen zou kunnen leiden. Samen met em. prof. dr. Henri Verbrugh, destijds voorzitter van de Vereniging voor Medische Microbiologie, en ziekenhuisapotheker dr. Rob Janknecht schreef Van der Meer, toen voorzitter van de Vereniging voor Infectieziekten, een brief aan minister Els Borst. “We werden binnen een week uitgenodigd en kregen na een uurtje praten een jaarlijkse financiering van 800.000 gulden toegezegd”, aldus Van der Meer. Met dat budget kon de SWAB worden opgericht en aan de slag met prudent antibioticagebruik, het opstellen van protocollen en richtlijnen, resistentie- en gebruikssurveillance en een educatieve component om andere specialismen te leren wat antibiotica wel en niet kunnen oplossen.
Van ervaring naar bewijs
De eerste jaren werd het antibioticabeleid vooral bepaald door de jarenlange ervaring van clinici. “Dit beleid zijn we geleidelijk veel meer evidencebased gaan maken, met een breed draagvlak vanuit de universitaire centra”, vertelt Van der Meer. Wat begon als een initiatief met een sterk Nijmeegs-Rotterdams karakter, groeide gestaag door het aanhaken van Amsterdam, Utrecht, Leiden, Maastricht en Groningen. “Mijn promovenda Inge Gijsen speelde daarbij een belangrijke rol. Een van de succesvolste richtlijnen betrof de peri-operatieve profylaxe, waarin werd geadviseerd om bij voorkeur cefazoline plus metronidazol te gebruiken en duidelijk werd gemaakt dat 1 dosis voldoende was”, aldus Van der Meer. Ook het principe van streamlining, het gericht afschalen naar het goedkoopste werkzame middel op basis van gevoeligheidsbepaling, raakte stevig verankerd. Naar het voorbeeld van het Deense DANMAP ontwikkelde de SWAB samen met het RIVM de jaarlijkse rapportage NethMap, waarmee resistentietrends in kaart worden gebracht.2 Verder ontwikkelde zich later de rol van ziekenhuis-antibioticateams (A-teams), die inmiddels in vrijwel elk Nederlands ziekenhuis actief zijn en zich ook uitbreiden naar verpleeghuizen. “Daar is echt de professionalisering ontstaan van infectiologen, medisch microbiologen en ziekenhuisapothekers die elkaar scherp houden”, vertelt Van der Meer.
Enkele jaren na de oprichting van de SWAB volgde een Europees vervolg: de Study Group on Antimicrobial Policy, die later als ESGAP onderdeel werd van de European Society of Clinical Microbiology and Infectious Diseases.3 Van der Meer: “Daarmee hebben we geprobeerd het antibioticabeleid in Noord- en Zuid-Europa te homogeniseren. Oost-Europa bleef helaas achter, mogelijk doordat de farmaceutische industrie er na de val van de Muur massaal antibiotica aanbood.”
Op zoek naar nieuwe middelen
Halverwege de jaren 90 droogde de ontwikkeling van nieuwe antibiotica grotendeels op. “Vooral omdat het verdienmodel ongunstig is, hebben farmaceutische bedrijven weinig baat bij de ontwikkeling van antibiotica, die, in tegenstelling tot bijvoorbeeld chronische medicatie, gewoonlijk maar voor een korte duur worden gegeven”, legt Van der Meer uit. Mede door het succes van de SWAB werden behandelingen in 30 jaar tijd bovendien fors korter: van 14 dagen naar vaak nog maar 3 tot 5 dagen. Pogingen om de ontwikkeling van nieuwe antibiotica te stimuleren, zoals een internationale bijeenkomst die Van der Meer als toenmalig president van de European Academies’ Science Advisory Council organiseerde, zetten het onderwerp weliswaar op de kaart, maar leidden niet tot een doorbraak.4
Ook door de coronapandemie verslapte de aandacht voor antibioticaontwikkeling en de bestrijding van resistentie. Toch leverde de pandemie ook lessen op die van waarde zijn voor infectieziekten in bredere zin, zoals de snelle en veilige ontwikkeling van mRNA-vaccins, de isolatiemaatregelen en de adaptieve trialopzet die in Utrecht was ontwikkeld voor pneumonie- en antibioticaonderzoek en tijdens de pandemie van grote waarde bleek. Daarnaast lijken volgens Van der Meer de diepe zeeën en het insecten- en plantenrijk nog genoeg kansen te bieden voor de ontwikkeling van antibiotica met nieuwe werkingsmechanismen. “Of we voorbereid zullen zijn op een pandemische vorm van een multiresistente bacterie, weet ik niet zeker. Maar als ik kijk naar hoe we in Nederland met antibiotica omgaan, dan denk ik dat we het goed doen. Ga zo door!”, besluit hij.
Erkenning
De internationale erkenning voor het werk van de SWAB bleek onder andere uit de toekenning van de Leadership Award van de Alliance for the Prudent Use of Antibiotics. In 2008 ontvingen de SWAB en de Werkgroep Infectiepreventie deze prijs “als erkenning voor hun uitmuntende leiderschap en agressieve werk op het gebied van infectiebeheersing om de verspreiding en opkomst van antibioticaresistentie te vertragen”.5
Bronnen:
- swab.nl/nl/over-de-swab
- www.rivm.nl/isis-ar/overzichten-van-gegevens/nethmap
- www.escmid.org/esgap/
- JWM van der, Fears R, Davies SC, et al. Antimicrobial innovation: combining commitment, creativity and coherence. Nat Rev Drug Discov 2014;13:709-10.
- apua.org/apua-leadership-award