Seizoensvaccinatie tegen nieuwe SARS-CoV-2 varianten blijft van belang om te beschermen tegen long COVID. Dat schrijft een internationale onderzoeksgroep na een systematische review van publicaties.
Wereldwijd zijn er miljoenen mensen met long COVID. In 2022 schatte de WHO dat ruwweg 10-20% van alle geïnfecteerden aanhoudende symptomen ervaart na de acute fase van een SARS-CoV-2-infectie. Latere rapportages, vanaf 2024, houden het op 2-7%, wat de invloed suggereert van tijd en vaccinatie. De huidige consensus definitie van long COVID is ‘een infectiegerelateerde chronische conditie die optreedt na een SARS-CoV-2 infectie en ten minste 3 maanden aanwezig blijft als continue, opvlammende-uitdovende, of progressieve ziekte in een of meerdere organen’.
Preventie van long COVID is essentieel voor de publieke gezondheid. Eerdere analyses lieten al zien dat primaire vaccinatie long COVID kan voorkomen in volgende infecties, maar het effect van booster vaccinatie op long COVID is nog niet duidelijk. Onderzoekers uit het VK, de VS, Thailand en Denemarken vonden 31 observationele studies, waarvan 11 geschikt waren voor paarsgewijze meta-analyses.
De gepoolde odds ratio (OR) van long COVID voor gevaccineerd (iedere dosis) versus ongevaccineerd is 0,77; 10 studies). OR’s waren ook lager voor primaire vaccinatie versus ongevaccineerd (OR 0,81; 3 studies), booster vaccinatie versus ongevaccineerd (OR 0,74; 4 studies), en booster vaccinatie versus primaire vaccinatie (OR 0,77; 3 studies). Deze bevindingen laten zien dat booster vaccinatie aanvullende bescherming kan bieden tegen long COVID. Dat onderstreept volgens de onderzoekers het belang van seizoensvaccinatie tegen nieuwe SARS-CoV-2 varianten. Maar de bevindingen moeten echter voorzichtig worden geïnterpreteerd, gezien het lage aantal studies en de lage kwaliteit van het bewijs.
Bron: