Onderzoekers van het UMC Utrecht hebben een methode ontwikkeld om hersenlymfomen sneller en veiliger vast te stellen. Hierdoor kunnen artsen diagnose via een hersenoperatie bij bijna de helft van de patienten vervangen met een ruggenprik.
Snelle diagnostiek is bij hersenlymfomen essentieel, omdat deze tumoren om een andere behandeling vragen dan de meeste hersentumoren: chemotherapie in plaats van operatieve verwijdering. Nu stellen artsen de diagnose vaak met een hersenbiopt. Zo’n ingreep brengt risico’s met zich mee. Zo krijgt 4 tot 8% van de patiënten een ernstige complicatie, zoals een infectie of hersenbloeding.
Daarom werken de onderzoekers aan het verbeteren van de diagnose via een ruggenprik. Met deze methode konden ze vroeger maar bij 1 op de 10 patiënten de diagnose hersenlymfoom stellen. Door dit onderzoek is dat nu ongeveer de helft. Voor deze groep kan een hersenbiopt achterwege blijven.
Voor de diagnose gebruikten ze een combinatie van biomarkers die kenmerkend zijn voor deze vorm van kanker. Het gaat om mutaties in DNA-fragmenten van kankercellen, en cytokines in het hersenvocht. De nieuwe methode verkleint niet alleen het aantal risicovolle biopten, maar maakt ook snellere behandeling mogelijk.
Bron: