Vaccinatiegraad bij baby’s daalt verder, maar stijgt onder tieners

Delen via:

In 2025 is de vaccinatiegraad onder baby’s en kleuters verder gedaald. Bij tieners is die juist licht gestegen. Dat blijkt uit RIVM’s jaarrapport over de geschatte vaccinatiegraad van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Nederland.

Ongeveer driekwart van de baby’s kreeg de vaccinatie tegen het RS-virus. Daarmee blijft de recent ingevoerde prik achter vergeleken met de andere RVP-vaccinaties voor baby’s. Inmiddels is duidelijk dat de RS-vaccinatie een positief effect laat zien; er lagen fors minder baby’s op de kinder-IC’s, aldus het RIVM. Bovendien meldt bijwerkingencentrum Lareb dat de meeste kinderen (84%) geen klachten ervaarden na de immunisatie. De meest gerapporteerde klachten waren meer huilen, prikkelbaarheid, reacties op de prikplek en lusteloosheid.

Zwangeren zijn naar schatting minder vaak tegen kinkhoest gevaccineerd, terwijl de vaccinatiegraad van de griepprik bij zwangeren iets lijkt toegenomen, al blijft die relatief laag.

Voor de HPV-vaccinatie is de vaccinatiegraad voor het tweede jaar op rij iets gestegen. Ook kregen meer tieners de prik tegen meningokokken. De vaccinatiegraad voor difterie, tetanus en polio (DTP) bleef ongeveer hetzelfde, evenals die voor bof, mazelen en rodehond (BMR). Dat betekent dat de vaccinatiegraad van de BMR-prik onder de 90% blijft steken, terwijl ten minste 95% nodig is om de Nederlandse bevolking tegen uitbraken van mazelen te beschermen. In 2025 hadden ruim 500 mensen mazelen. Dat is veel, aldus het RIVM. De ziekte kwam vooral voor bij kinderen op basisscholen met een lage vaccinatiegraad.

Bron:

RIVM