Waar rituximab als type I anti-CD20-antistof teleurstelt in SLE en lupusnefritis, lijken nieuwe generaties anti-CD20-therapie mogelijk diepere en duurzamere B-celdepletie te geven. Zoals deze kleine fase Ib/II-studie met obinutuzumab β laat zien bij lupusnefritis. 1
B-cellen spelen een centrale rol in de pathogenese van systemische lupus erythematodes (SLE).2 Toch wist rituximab in de bekende EXPLORER- en LUNAR-studies niet de primaire eindpunten te behalen.3,4 Maar nieuwe middelen, zoals obinutuzumab, bieden nieuwe kansen.
3 doseerschema’s
De belangstelling voor obinutuzumab is recent toegenomen na positieve fase III-data bij actieve SLE zonder actieve lupusnefritis.5 De vraag is of een vergelijkbare type II anti-CD20-strategie ook bij lupusnefritis renale winst kan opleveren. In deze multicentrische, gerandomiseerde, dubbelblinde fase Ib/II-studie zijn 38 patiënten met actieve lupusnefritis geïncludeerd in 10 centra in China. Alle patiënten voldeden aan de EULAR/ACR-criteria uit 2019 voor SLE,6 hadden klasse III/IV ± V lupusnefritis en een urine-eiwit/creatinineratio (UPCR) > 1,0 g/g.
Deelnemers kregen standaard mycofenolaatmofetil en glucocorticoïden in een afbouwschema, gecombineerd met obinutuzumab of placebo. 3 doseerschema’s werden onderzocht: 500 mg elke 6 maanden, 1000 mg elke 6 maanden en 500 mg elke 3 maanden. Het primaire eindpunt was complete renale respons (CRR) in week 76, gedefinieerd als een UPCR < 0,5 g/g en een geschatte glomerulaire filtratiesnelheid van ten minste 85% van de uitgangswaarde.
Gunstige uitkomsten
In week 76 bedroegen de CRR-percentages 50,0% met obinutuzumab 500 mg elke 6 maanden, 64,7% met 1000 mg elke 6 maanden en 50,0% met 500 mg elke 3 maanden, tegenover 40,0% met placebo. In week 104 waren deze percentages respectievelijk 62,5%, 70,6%, 50,0% en 40,0%.
Onderzoeker Yuhui Li van de universiteit van Peking concludeerde: “Vooral de dosering van 1000 mg elke 6 maanden viel numeriek gunstig uit. Er waren meer ernstige bijwerkingen in de obinutuzumabgroepen, maar dit is te verklaren door covidinfecties.”
Bronnen:
- Li Y, Chen W, Xing G, et al. Obinutuzumab β (MIL62), a novel glycoengineered type II anti-CD20 antibody for active lupus nephritis: 104-week results of a phase 1b/2 trial. EULAR 2026, abstract 0688.
- Tipton CM, Hom JR, Fucile CF, et al. Understanding B-cell activation and autoantibody repertoire selection in systemic lupus erythematosus: A B-cell immunomics approach. Immunol Rev. 2018;284:120-31.
- Merrill JT, Neuwelt CM, Wallace DJ, et al. Efficacy and safety of rituximab in moderately-to-severely active systemic lupus erythematosus: the randomized, double-blind, phase II/III systemic lupus erythematosus evaluation of rituximab trial. Arthritis Rheum. 2010;62:222-33.
- Rovin BH, Furie R, Latinis K, et al. Efficacy and safety of rituximab in patients with active proliferative lupus nephritis: the Lupus Nephritis Assessment with Rituximab study. Arthritis Rheum. 2012;64:1215-26.
- Furie RA, Dall’Era M, Vital EM, et al. Efficacy and safety of obinutuzumab in active systemic lupus erythematosus. N Engl J Med. 2026. Online ahead of print.
- Aringer M, Costenbader K, Daikh D, et al. 2019 European League Against Rheumatism/American College of Rheumatology Classification Criteria for Systemic Lupus Erythematosus. Arthritis Rheumatol. 2019;71:1400-12.