In 2025 hoefden patiënten op de wachtlijst minder lang te wachten op een nieuw orgaan. Daarnaast was het aantal weefseldonaties hoger dan ooit. Dat en meer maakt de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS) bekend in haar jaarcijfers.
308 mensen doneerden in 2025 organen na overlijden. Dat is een daling ten opzichte van 2024, maar de NTS ziet een stijgende trend op de langere termijn. 34 van de 308 mensen doneerden na euthanasie, waardoor 125 transplantaties konden plaatsvinden.
In totaal waren er 949 orgaantransplantaties met organen van overleden donoren. Er werden 77 harten, 536 nieren, 210 levers, 30 alvleesklieren, 118 longen en 1 dunne darm getransplanteerd. Ruim 20 keer betrof het een combinatie, bijvoorbeeld van nier en alvleesklier.
Daarnaast werden 531 organen van levende donoren getransplanteerd. 498 nierpatiënten kregen een nier van een levende donor en 33 patiënten kregen een deel van iemands lever.
De mediane wachttijd voor transplantaties neemt de afgelopen jaren af. In totaal wachten ongeveer 1.600 patiënten op een orgaantransplantatie, vertelt Naomi Nathan, directeur van NTS, in hun persbericht. “Afgelopen jaar zijn 133 patiënten overleden op de wachtlijst. Daarnaast zijn 137 patiënten uitgestroomd van de wachtlijst, omdat hun medische situatie te veel verslechterd was.”