Mensen die hun galblaas lieten verwijderen, hebben tot 50% meer kans op chronische maag-darmklachten. Diagnostiek moet zorgvuldiger gebeuren om onnodige ingrepen te voorkomen. Die boodschap brengen onderzoekers van de KU Leuven na een grootschalige studie. De resultaten zijn gepubliceerd in Gut.
De onderzoekers analyseerden enquêtedata van ruim 54.000 volwassenen uit 26 landen, van wie 2709 een cholecystectomie ondergingen. De ingreep ging gepaard met een hogere prevalentie (56,2% met vs. 42,3% zonder cholecystectomie) van symptomen die kunnen horen bij stoornissen van de darm-brein-as (DGBI). Een mogelijke verklaring voor de klachten is de continue, ongecontroleerde afgifte van galzuren in de darm.
Maar het zou ook kunnen dat een deel van deze groep al klachten had en dat die na de ingreep zijn gebleven. De galblaas was bij hen wellicht niet de oorzaak, legt prof. Jan Tack van de KU Leuven uit in een persbericht. “Bij een deel van de patiënten was de ingreep dus niet nodig.”
Onderzoeker dr. Lukas Michaja Balsiger vindt dat er meer aandacht moet komen in de klinische praktijk voor de “aanzienlijke en vaak onderschatte last aan maag-darmklachten bij mensen die een galblaasverwijdering hebben ondergaan.” Het team pleit voor een grondigere diagnostiek en grotere bewustwording van de mogelijke langetermijngevolgen van een cholecystectomie bij maag-darmklachten.
Bron: