Paramagnetic rim lesions (PRL’s) bij mensen met radiologisch geïsoleerd syndroom (RIS) wijzen op een verhoogd risico op het ontwikkelen van klinische multipele sclerose (MS), zo blijkt uit een internationale prospectieve cohortstudie.
Tussen 2011 en 2024 werden 79 volwassenen met RIS uit 3 grote academische MS-centra geïncludeerd. Alle deelnemers ondergingen 3-Tesla MRI van hersenen en ruggenmerg, waarbij het totaal aantal wittestoflaesies, PRL’s en centrale aderlaesies (CVS+L) werden geregistreerd. Deelnemers werden longitudinaal gevolgd op het ontstaan van klinische symptomen van MS.
De studie bestond uit een eerste cohort, het discovery cohort (n = 36), bestaande uit patiënten van het St Michael’s Hospital in Toronto (Canada), waarin de associaties tussen PRL’s en klinische MS werden vastgesteld. Daarnaast was er een tweede cohort, het validation cohort (n = 43), bestaande uit patiënten van het National Institutes of Health Clinical Center in Bethesda (Verenigde Staten) en de Fleni MS Clinic in Buenos Aires (Argentinië), om de bevindingen te bevestigen.
In het discovery cohort ontwikkelde 25% MS, in het validation cohort was dat 21%. Een hoger aantal PRL’s was geassocieerd met het eerder ontstaan van symptomen: HR 1,15 (95%-BI 1,05-1,26) in het discovery cohort en HR 1,51 (95%-BI 1,00-2,27) in het validation cohort. In het discovery cohort voorspelde het hebben van ≥ 4 PRL’s een sterk verhoogd risico op klinische MS (OR 14,64; 95%-BI 2,00-207,23), terwijl in het validation cohort de aanwezigheid van PRL’s op zichzelf al sterk geassocieerd was met MS (OR 20,90; 95%-BI 2,35-533,30).
De studie suggereert dat de aanwezigheid van PRL’s een vroege indicator is voor het ontstaan van klinische MS bij RIS. Dit kan helpen bij het identificeren van hoogrisicopatiënten die mogelijk baat hebben bij vroege interventie, en ondersteunt de discussie over het opnemen van asymptomatische MS in de diagnostische criteria.
Bron: