Een Deense cohortstudie laat zien dat patiënten met chronische lymfatische leukemie (CLL) een verhoogd risico hebben op het ontwikkelen van huidkanker, met name basaalcelcarcinoom en plaveiselcelcarcinoom.
In deze gematchte cohortstudie werd het totale risico op huidkanker beoordeeld, evenals dat op verschillende subtypen van huidkanker, huidkankerspecifieke metastasen en overlijden bij patiënten met CLL in vergelijking met een controlegroep zonder CLL. Patiënten met CLL werden 1:5 gematcht met controles op basis van geboortejaar, geslacht, geografische regio, opleidingsniveau, inkomen, burgerlijke staat en Charlson-comorbiditeitsindex.
Onder de 8.352 patiënten met CLL die in de studie waren opgenomen (mediane leeftijd 70,7 jaar, 58,7% man), was het absolute 10-jaarsrisico op huidkanker 13,5% (95%-BI 12,7-14,3) vergeleken met 6,9% (95%-BI 6,6-7,2) onder de 41.760 controlepersonen (mediane leeftijd 70,7 jaar, 58,7% man). Dit resulteerde in een absoluut risicoverschil (ARD) van 6,6 procentpunten (pp) (95%-BI 5,7-7,4; p < 0,001). Patiënten met CLL hadden een verhoogd risico op de meeste subtypen van huidkanker in vergelijking met de controlegroep, waarbij basaalcelcarcinoom (8,6 vs. 5,4%; ARD 3,2 pp; p < 0,001) en plaveiselcelcarcinoom het meest voorkwamen (4,7 vs. 1,4%; ARD 3,3 pp; p < 0,001). Patiënten met CLL hadden, vergeleken met de controlegroep, een hoger risico op zowel huidkankermetastasen (0,7 vs. 0,1%; ARD 0,6 pp; p < 0,001) als op overlijden door huidkanker (0,3 vs. 0,1%; ARD 0,2 pp; p = 0,004). De totale sterfte onder patiënten met CLL was 56,3% vergeleken met 39,3% in de controlegroep (ARD 17,0 pp; p < 0,001).
Bron: