Contacteczeem treft ongeveer 20% van de algemene bevolking en geurstoffen behoren tot de meest voorkomende sensibilisatoren, met positieve plaktests bij 5 tot 11% van de geteste patiënten. Maar bij dit case report zat het net even anders.1
Een 43-jarige vrouw in Porto (Portugal) heeft last van terugkerende roodheid, zwelling, jeuk en schilfering in het gezicht, vooral rond de ogen en op de wangen. De klachten ontstaan na gebruik van twee crèmes en een gezichtsserum die ze al langere tijd gebruikt, en verdwijnen zodra ze hiermee stopt.
Geoxideerde vorm
De plaktest, uitgevoerd met de Portugese basisserie, de geurserie en de crèmes, wijst op allergisch contacteczeem door geurstoffen. De patiënt heeft positieve reacties op onder meer perubalsem (in de EU inmiddels verboden vanwege het risico op huidallergie), en de geurstoffen geraniol, citral en hydroperoxiden van linalool. Opvallend: de test op zuiver linalool is negatief, maar de geoxideerde vorm is duidelijk positief. Ook een van de producten die ze zelf gebruikt, geeft een positieve reactie.
Prehaptenen
Linalool en limoneen behoren tot de meest gebruikte geurterpenen in cosmetica. Het zijn prehaptenen: stoffen die pas na blootstelling aan lucht kunnen oxideren tot sterker allergene hydroperoxiden. Rita Sá Teixeira, die de poster presenteerde, zegt hierover: “Hydroperoxiden van linalool geven bij 7,7 tot 11,7% van de geteste patiënten een positieve plaktest. Hiervan is het merendeel klinisch relevant.”
De casus laat zien dat bij verdenking op cosmeticageïnduceerd allergisch contacteczeem niet alleen standaardreeksen, maar ook geurstoffenreeksen en eigen producten van de patiënt zinvol kunnen zijn. Anders blijft de daadwerkelijke boosdoener mogelijk onopgemerkt: niet het ingrediënt op het etiket, maar de stof die ontstaat nadat het potje of flesje eenmaal open is geweest.
Bron:
- Sá Teixeira R, Sousa M, Lobo I. Hidden in everyday cosmetics: Facial allergic contact dermatitis to fragrances. EAACI 2026, poster presentation D3.95.