Anti-hormoontherapie weglaten bij laagrisico borstkanker?

Delen via:

Adjuvante anti-hormoontherapie (ET) bij borstkankerpatiënten verlaagt de kans op terugkeer van de ziekte, maar geeft ook bijwerkingen. Dat maakt de afweging voor patiënten met een laag risico op terugkeer lastig: is het verder verlaagde risico de bijwerkingen waard?

Onderzoekers van de internationale MINDACT-trial – in principe gericht op een 70-genentest (MammaPrint) om de kans op terugkeer in te schatten – maakten gebruik van hun grote dataset om meer inzicht te verkrijgen in deze risico’s. De resultaten verschenen onlangs in de Journal of Clinical Oncology.

Twee groepen

In een retrospectieve studie vergeleken ze twee groepen stadium I ER+/HER2- borstkankerpatiënten die 1) anti-hormoontherapie of 2) geen enkele adjuvante behandeling kregen. Het ging om patiënten zonder positieve lymfeklieren en met tumoren kleiner dan 2 cm. De 509 patiënten in de MINDACT-trial die geen adjuvante behandeling kregen, werden 1:1 gematcht met patiënten die wel ET kregen. De matching verliep op basis van differentiatiegraad, MammaPrint-score (hoog/laag risico) en leeftijd (≤ 50/> 50). Primair eindpunt was het afstandsmetastasevrije interval (DMFI), gedefinieerd als de tijd tot de eerste afstandsmetastase of tot borstkankergerelateerd overlijden. Secundaire eindpunten waren algehele overleving (OS) en borstkankerspecifieke overleving (BCSS). In een tweede analyse schatten de onderzoekers daarnaast de cumulatieve incidentie van locoregionale terugkeer (LRC) en contralaterale borstkanker (CBC).

Resultaten

Na 8 jaar bleek de DMFI significant lager in de onbehandelde groep (94,8% (95%-BI 92,7-96,9%) versus de ET-groep (97,3% (95%-BI 95,8-198,8%). Er was geen significant verschil in algehele overleving tussen patiënten die wel of geen ET kregen (95,4 vs. 95,6%). De cumulatieve incidentie van LRR en CBC waren resp. 4,7% (95%-BI 3,0-7,0%) en 4,6% (95%-BI 2,9-6,9%) in de onbehandelde groep en 1,4% (95%-BI 0,6%-2,9%) en 1,5% (95%-BI 0,6-3,1%) in de ET-groep. De onderzoekers concluderen dat anti-hormoontherapie bij patiënten met laagrisico stadium I-borstkanker een significant maar bescheiden effect heeft op DMFI. Tegelijk blijkt het aantal borstkankergerelateerde events significant lager in de ET-groep, ondanks de relatief korte follow-up van acht jaar. Ze pleiten voor een gesprek over de voor en tegens van ET met alle patiënten, ook die met een laag risico op afstandsmetastasen.

 

Commentaar borstkankerchirurg em. prof. dr. Emiel Rutgers, laatste auteur van de publicatie:

“Dat we deze studie konden uitvoeren, is eigenlijk te danken aan de enigszins afwijkende Nederlandse richtlijn voor borstkanker. Elders krijgen namelijk álle patiënten met invasieve borstkanker adjuvante behandeling, maar volgens onze richtlijn mag je hormoontherapie eventueel weglaten bij patiënten met een klinisch laag risico. Het maakt ons land een soort Dorp zoals dat van Asterix en Obelix in Gallië.

Vijf jaar geleden liet de RASTER-studie al zien dat patiënten met een laag risico op basis van de MammaPrint het na 10 jaar follow-up nog heel goed deden. Dus misschien waren we zo gek nog niet in ons kleine landje. Dankzij het indrukwekkende werk van promovenda Josephine Lopes Cardozo (anios bij Tergooi) en het EORTC MINDACT-team zijn nu ook de laagrisicopatiënten in de MINDACT-studie geanalyseerd. Van de 2.100 Nederlandse patiënten in deze studie bleek maar liefst bijna een kwart alleen lokaal behandeld te zijn, wat een goede vergelijking mogelijk maakte met de voornamelijk buitenlandse laagrisicopatiënten die wel ET kregen. De huidige studie is natuurlijk niet prospectief gerandomiseerd. Dat is meteen een disclaimer. Maar de groepen zijn zo goed mogelijk gematcht op de belangrijkste prognostische kenmerken, en het gaat om best grote aantallen patiënten. Ik durf daarom wel de resultaten wel serieus te nemen.

We zien geen verschil in OS, maar dat zou je na een relatief korte follow-up van 8 jaar ook niet verwachten: de algehele overleving is met 97% gelukkig erg gunstig. De verschillen die wél bleken, kun je echter niet zomaar wegpoetsen. Lokale recidieven en tweede primaire tumoren komen drie keer zo vaak voor in de onbehandelde groep, namelijk ruim 4,5 vs. ~1,5%. Zo’n lokale tumor is goed te behandelen, maar er bestaat natuurlijk een kleine kans dat nieuwe primaire tumoren metastaseren. Je kunt dat nu nog niet meten, maar uiteindelijk zal dit effect waarschijnlijk invloed hebben op de langetermijnoverleving. Het zal echter nooit meer dan een paar procent uitmaken, waarschijnlijk minder.

Al met al vind ik dat je anti-hormoonbehandeling ook moet aanbieden aan laagrisicopatiënten, met duidelijke uitleg over de voors en tegens. Een deel van de vrouwen omarmt alle mogelijkheden om de prognose te verbeteren, anderen zullen zeggen: ik ga niet vijf jaar lang pillen slikken voor een paar procent. Dat is een persoonlijke afweging.
Over de richtlijn ga ik tegenwoordig niet meer, maar ik vermoed dat het bespreken van hormoontherapie bij laagrisicopatiënten wel zal worden toegevoegd. Zelf besprak ik de optie altijd al. Ik zei dan meestal: probeer het drie maanden tot een half jaar, zodat het nieuwe hormoonevenwicht bereikt is, en kijk dan hoe het gaat. Ervaar je veel bijwerkingen, wil je er niet mee doorgaan? Dan is dat prima, de absolute risico’s blijven laag. Verdraag je het goed en voel je wat extra steun en zekerheid door die pil, dan ga je ermee door.

Voor de toekomst verwacht ik dat we de risico-inschatting bij laagrisicopatiënten nog verder zullen kunnen verfijnen. De MammaPrint kan daar zeker bij helpen, al wordt dit instrument nu helaas niet vergoed. Hopelijk komt ZIN – het Zorginstituut Nederland – wat dat betreft bij zinnen.”

Lenvatinib plus pembrolizumab bij gevorderd melanoom met ziekteprogressie

aug 2022 | Dermato-oncologie

Lees meer over Lenvatinib plus pembrolizumab bij gevorderd melanoom met ziekteprogressie

Behandeling van anale HSIL verlaagt risico anuscarcinoom

aug 2022 | HIV, Maag-darm-leveroncologie, Virale infecties

Lees meer over Behandeling van anale HSIL verlaagt risico anuscarcinoom

Naar snellere en betere revisie van oncologische richtlijnen

aug 2022 | Gynaecologische oncologie

Lees meer over Naar snellere en betere revisie van oncologische richtlijnen

ICON8: wekelijkse chemotherapie bij epitheliaal ovariumcarcinoom verbetert overleving niet

aug 2022 | Gynaecologische oncologie

Lees meer over ICON8: wekelijkse chemotherapie bij epitheliaal ovariumcarcinoom verbetert overleving niet

Adjuvant sorafenib na RFA verbetert prognose van HCC-patiënten

aug 2022 | Maag-darm-leveroncologie

Lees meer over Adjuvant sorafenib na RFA verbetert prognose van HCC-patiënten

Weren, kleren, smeren: UV-werende kleding en misverstanden over zonnebrandcrème

aug 2022 | Dermato-oncologie

Lees meer over Weren, kleren, smeren: UV-werende kleding en misverstanden over zonnebrandcrème

Webcast Immuuntherapie: herkennen van bijwerkingen en acties voor de niet-oncoloog

7 sep 2022 om 20:30 | Immuuntherapie

Lees meer over Webcast Immuuntherapie: herkennen van bijwerkingen en acties voor de niet-oncoloog

Vaccinatiezorg voor medische risicogroepen

11 aug 2022 | HIV

Lees meer over Vaccinatiezorg voor medische risicogroepen

Masterclass niet-melanoom huidkanker #3

8 mrt 2022 | Chirurgie, Dermato-oncologie

Lees meer over Masterclass niet-melanoom huidkanker #3

Is triple-negatief nog steeds zo negatief?

14 feb 2022 | Borstkanker

Lees meer over Is triple-negatief nog steeds zo negatief?

Webcast Long covid: wat weten we, wat kunt u verwachten, wat kunt u doen?

10 nov 2021 om 20:30

Lees meer over Webcast Long covid: wat weten we, wat kunt u verwachten, wat kunt u doen?

Masterclass vergevorderd cutaan plaveiselcelcarcinoom #2

21 sep 2021

Lees meer over Masterclass vergevorderd cutaan plaveiselcelcarcinoom #2

Kanker en trombose, hoe kiest u het juiste antistollingsmiddel?   

8 feb 2021

Lees meer over Kanker en trombose, hoe kiest u het juiste antistollingsmiddel?   

Masterclass vergevorderd cutaan plaveiselcelcarcinoom

27 jan 2021 om 20:30

Lees meer over Masterclass vergevorderd cutaan plaveiselcelcarcinoom

Hematologie in beeld

3 nov 2020

Lees meer over Hematologie in beeld

Behandeling van patienten met HR+/HER2- borstkanker in de adjuvante EN gemetastaseerde fase

Lees meer over Behandeling van patienten met HR+/HER2- borstkanker in de adjuvante EN gemetastaseerde fase

Immuno-oncologie module 1: immunologie en immuuntherapie

Lees meer over Immuno-oncologie module 1: immunologie en immuuntherapie

Immuno-oncologie module 2: Bijwerkingenmanagement en checkpoint inhibitors

Lees meer over Immuno-oncologie module 2: Bijwerkingenmanagement en checkpoint inhibitors

Immuno-oncologie module 3: Verpleegkundige casuïstiek

Lees meer over Immuno-oncologie module 3: Verpleegkundige casuïstiek

ESMO in ORANJE 2022

zaterdag 10 sep 2022 van 18:00 tot 21:45

Lees meer over ESMO in ORANJE 2022

ASCO GU: Genoomveranderingen bij behandeling niercelcarcinoom in kaart gebracht

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Genoomveranderingen bij behandeling niercelcarcinoom in kaart gebracht

ASCO GU: Cabozantinib plus immunotherapie actief bij blaascarcinoom

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Cabozantinib plus immunotherapie actief bij blaascarcinoom

ASCO GU: Cytoreductieve chirurgie voor niercelcarcinoom lijkt zinvol naast targeted therapie

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Cytoreductieve chirurgie voor niercelcarcinoom lijkt zinvol naast targeted therapie

ASCO GU: Immunotherapie mogelijk minder effectief na antibioticakuur

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Immunotherapie mogelijk minder effectief na antibioticakuur

ASCO GU: Duurzame respons na stoppen immunotherapie voor niercelcarcinoom

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Duurzame respons na stoppen immunotherapie voor niercelcarcinoom

ASCO GU: Mutaties circulerend tumor-DNA gerelateerd aan uitkomsten gevorderd prostaatcarcinoom

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Mutaties circulerend tumor-DNA gerelateerd aan uitkomsten gevorderd prostaatcarcinoom

ASCO GU: Goede resultaten actieve surveillance voor kleine niermassa's

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Goede resultaten actieve surveillance voor kleine niermassa's

ASCO GU: Positieve data voor pembrolizumab plus ipilimumab bij gevorderd niercelcarcinoom

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Positieve data voor pembrolizumab plus ipilimumab bij gevorderd niercelcarcinoom

ASCO GU: Goede resultaten eerstelijns atezolizumab plus bevacizumab bij niercelcarcinoom

Lees meer
Lees meer over ASCO GU: Goede resultaten eerstelijns atezolizumab plus bevacizumab bij niercelcarcinoom

Botgezondheid bij mCRPC in de praktijk

okt 2021 | Uro-oncologie

Lees meer over Botgezondheid bij mCRPC in de praktijk

Slokdarm- en maagkanker

jun 2021 | Chirurgie, Maag-darm-leveroncologie

Lees meer over Slokdarm- en maagkanker

Impact van COVID-19 op bevolkingsonderzoek darmkanker in Nederland

feb 2021 | Maag-darm-leveroncologie

Lees meer over Impact van COVID-19 op bevolkingsonderzoek darmkanker in Nederland

MedNet Dermatologie nr 1-2022

jul 2022

Lees meer over MedNet Dermatologie nr 1-2022