Is swappen bij PsA of AxSpA wel zo logisch als het lijkt?

Delen via:

To swap or not to swap: that is the question, als een geneesmiddel niet voldoende effectief is bij arthritis psoriatica (PsA) of axiale spondyloartritis (axSpA). Een ‘quasi-experimentele studie’ onder leiding van dr. Emmerik Leijten van de Sint Maartenskliniek in Nijmegen laat zien dat swappen niet effectiever is dan cyclen. Een prospectieve studie moet definitieve antwoorden geven.

Cyclen wil zeggen overstappen naar een middel met eenzelfde werkingsmechanisme, bijvoorbeeld na een TNF-remmer nogmaals een TNF-remmer geven. Swappen is overstappen naar een middel met een geheel ander werkingsmechanisme, bijvoorbeeld na een TNF-remmer overstappen naar een interleukine-17 (IL17)-remmer. “De richtlijnen spreken hier geen duidelijke voorkeur over uit, omdat daar onvoldoende bewijs voor is”, aldus Leijten. Sinds 2021 is hij als reumatoloog en onderzoeker verbonden aan de Sint Maartenskliniek; onderzoek doet Leijten daarnaast in het Radboudumc Nijmegen.

Eigen preferentiebeleid vergelijken

Deze zelfde Sint Maartenskliniek heeft door de jaren heen wél een heel duidelijke voorkeur gehad, zij het dat die 7 jaar geleden veranderde. Tot 2019 hanteerde de kliniek bij PsA en axSpA consequent de cyclestrategie; in 2019 ging men over op de swapstrategie (met secukinumab als tweede biological), die sindsdien al even consequent is doorgevoerd. “Dat is bijna een studieopzet”, zegt Leijten glimlachend. “Wij hebben ons eigen preferentiebeleid voor en na 2019 kunnen vergelijken omdat we onze protocollen vrij strikt volgen en de adherentie hoog is geweest. Zo niet, dan krijg je een beschrijvende retrospectieve studie met veel bias, waarvan er al veel zijn.”
In een retrospectieve studie vergeleken Leijten en collega’s de persistentie gedurende 3 jaar van het medicatiegebruik bij patiënten met PsA en axSpA.1 Ook werd gekeken naar de ziekteactiviteit: DAS28-CRP voor PsA, BASDAI voor axSpA.
Over persistentie als primair eindpunt zegt Leijten: “Dat was de meest betrouwbare data die we hadden, in combinatie met de stopreden. Dit diende als surrogaat eindpunt voor effectiviteit en toxiciteit/bijwerkingen. Als iemand 10 jaar een specifiek middel blijft gebruiken, kun je redelijkerwijs goede effectiviteit aannemen; en als iemand na een half jaar al stopt vanwege ineffectiviteit, dan was dat blijkbaar niet het juiste middel.”

Verrassende uitkomsten

Bij de 406 PsA-patiënten was er geen significant verschil in medicatiepersistentie tussen de strategieën, met een hazard ratio (HR) van 1,17 (95%-BI 0,87-1,58; p = 0,29).1 Bij de 335 patiënten met axSpA was de swapstrategie geassocieerd met een hoger risico op stopzetting van de behandeling (HR 1,46; 95%-BI 1,03-2,07; p = 0,04). Er waren geen significante verschillen in ziekteactiviteit tussen de behandelstrategieën bij PsA of axSpA. Dat de cyclestrategie bij axSpA iets effectiever bleek, verbaasde Leijten. “Het verschil is weliswaar klein, en ik vraag me af of het klinisch relevant is. We waren vooral benieuwd of swappen effectiever zou zijn, maar afgaand op onze data over persistentie lijkt dat dus niet het geval. Dit is in lijn met het overgrote deel van de retrospectieve data2 alsmede nieuwe prospectieve data,3 waaruit ook geen duidelijk voordeel van swappen blijkt.”
De persistentie bij PsA was na 6, 12 en 36 maanden respectievelijk 72%, 56% en 40%; bij axSpA was deze 72%, 60% en 42%.1 Leijten noemt deze uitkomsten “gevoelsmatig wat teleurstellend, maar wel overeenkomstig de literatuur”. Hij voegt toe dat de persistentie bij elk volgend middel dat iemand gebruikt, lager wordt. Als iemand daarentegen het eerste jaar tevreden is, dan is de kans dat hij in het jaar daarop alsnog stopt, kleiner. Leijten erkent dat een treat-to-targetstrategie met ambitieuze doelen het sneller stoppen en vervolgens starten van nieuwe biologische of targeted synthetic DMARD’s in de hand kan werken. “Anderzijds hoeven artsen en patiënten zich niet per se aan het gestelde doel te houden”, stelt hij. “Je kunt ook samen beslissen dat het resultaat voldoende is, al is de score voor de ziekteactiviteit op papier nog te hoog. Veel reumatologen zijn ook vrij kritisch op de afkapwaarden die hierbij gebruikt worden, omdat ze er weinig gevoel bij hebben en ze deze te streng vinden. In de Nederlandse praktijk is treat-to-target mede daarom denk ik nog niet helemaal goed doorgedrongen.”

Veel meer opties

De aanleiding om op een ander middel over te willen stappen, was zowel bij PsA als bij axSpA in ongeveer 75% van de gevallen onvoldoende effectiviteit, en bij 25% bijwerkingen. Leijten tekent hierbij aan: “Effectiviteit en bijwerkingen zijn moeilijk te scheiden. Als een middel niet erg effectief is, ben je geneigd minder bijwerkingen te accepteren. Vaak spelen bij het staken van een middel zowel ineffectiviteit als bijwerkingen mee. Maar samen geven ze denk ik een goed beeld van de effectiviteit.”
Een mogelijk punt van kritiek zou kunnen zijn: het is moeilijk om de persistentie van de nieuwere middelen te vergelijken met de periode voor 2019. Leijten: “Het is waar dat er vroeger veel minder opties waren. Daarom wilde je als behandelaar liefst niet te snel stoppen; je wilde niet te snel door je opties heen gaan. Anno nu hebben we wel 15 alternatieven voor een TNF-remmer en kun je na 6 maanden al denken: we gaan iets heel anders proberen. Hoewel we deze bias niet helemaal konden uitsluiten, bleek uit een sensitiviteitsanalyse dat kalenderjaar geen invloed had op de persistentie.”

Cycle versus swap als ZE&GG-traject

Meer goed onderzoek dient in deze kwestie het laatste woord te hebben. Recent is dr. Leijten begonnen als projectleider voor een ZE&GG-traject (Zorgevaluatie & Gepast Gebruik) waarbinnen een gerandomiseerde studie wordt opgezet die de cyle- en swapstrategie vergelijkt. “Dat wil zeggen dat sommige deelnemers nogmaals een middel met hetzelfde werkingsmechanisme kunnen krijgen, terwijl andere overstappen op een middel met een voor hen nieuw werkingsmechanisme. We hopen de studie en de financiering voor 2027 rond te krijgen, zodat we volgend jaar kunnen beginnen.”
Er is volgens Leijten niet gekozen om per werkingsmechanisme een vergelijkende studie te doen, waarbij je het swappen beperkt tot bijvoorbeeld IL17-remmers. “Dan moet je veel te veel losse gerandomiseerde studies uitvoeren, dat is niet te doen; ook al doordat er middelen bij blijven komen. Daarom heeft het de voorkeur de overstijgende strategie te evalueren: is werkingsmechanisme daadwerkelijk klinisch relevant in de keuze van het volgende middel?”
De studiehypothese is dat geen van beide strategieën significant effectiever is dan de andere, waardoor op de lange termijn vaker middelen kunnen worden gebruikt die langer op de markt zijn en doorgaans minder kostbaar zijn doordat ze uit patent zijn.

Take-home message

“Al met al is een swapstrategie mogelijk minder logisch dan hij lijkt”, besluit Leijten. “Het laatste woord is er nog lang niet over gezegd, maar we mogen wel wat kritischer kijken naar de, wellicht vooral gevoelsmatige, logica van deze strategie.” Op de vraag of daarvan al iets te merken is op de werkvloer, zegt hij: “Er spelen ook andere belangen, zoals inkoopbeleid per ziekenhuis. In het ZE&GG-onderzoek willen we kijken of dergelijke factoren – als blijkt dat cyclen en swappen even effectief zijn – een barrière vormen voor implementatie en uiteindelijke kostenbesparing.”

Zorgen voor daadwerkelijke impact van studieresultaten

Als de resultaten van de beschreven ZE&GG-studie de hypothese bevestigen dat een cycle- en swapstrategie even effectief zijn, hoe zorg je dan dat deze strategie wordt geïmplementeerd en daadwerkelijk tot kostenbesparing leidt? Leijten: “Er wordt gezorgd dat alle relevante partijen – onder wie patiënten, zorgverleners, apothekers en verzekeraars – de studie steunen. Dat is precies de essentie van een ZE&GG-traject: niet alleen een studie financieren, maar ook zorgen dat hij wordt uitgevoerd én dat de resultaten consequenties hebben voor de dagelijkse praktijk – mits de hypothese klopt.”

Referenties

  1. van Es I, Vriezekolk JE, den Broeder N, et al. Cycle versus swap strategy after TNFi discontinuation in psoriatic arthritis and axial spondyloarthritis: a quasi-experimental study. RMD Open. 2025;11(2):e005566.
  2. Karagianni S, Kyriazi N, Michalakeas N, et al. Cycling or swapping in spondyloarthritis? Current knowledge. Mediterr J Rheumatol. 2026;37(Suppl 1):37–45.
  3. Dalix E, Marcelli C, Bejan-Angoulvant T, et al. Rotation or change of biotherapy after TNF blocker treatment failure for axial spondyloarthritis: the ROC-SpA study, a randomised controlled study protocol. BMJ Open. 2024 Sep 10;14(9):e087872.

Fibromyalgie herzien: ‘We moeten af van het idee dat er één oplossing is’

mei 2026 | Fibromyalgie

Lees meer over Fibromyalgie herzien: ‘We moeten af van het idee dat er één oplossing is’

Therapeutic drug monitoring hydroxychloroquine verbetert uitkomsten bij SLE

mei 2026 | SLE

Lees meer over Therapeutic drug monitoring hydroxychloroquine verbetert uitkomsten bij SLE

Geneesmiddelentekorten zijn minder, maar nog niet opgelost

mei 2026

Lees meer over Geneesmiddelentekorten zijn minder, maar nog niet opgelost

Is swappen bij PsA of AxSpA wel zo logisch als het lijkt?

mei 2026 | Arthritis psoriatica, Spondyloartritis

Lees meer over Is swappen bij PsA of AxSpA wel zo logisch als het lijkt?

Geen verhoogde kans op auto-immuun- of reumatische ziekten bij implantaten na borstkanker

apr 2026 | Borstkanker, Fibromyalgie, IBD, Psoriasis, RA, Sjögren, SLE

Lees meer over Geen verhoogde kans op auto-immuun- of reumatische ziekten bij implantaten na borstkanker

STAMP: vroeg starten met secukinumab versus standaardzorg bij PsA

apr 2026 | Arthritis psoriatica

Lees meer over STAMP: vroeg starten met secukinumab versus standaardzorg bij PsA

Psoriatic disease: één ziekte, één zorgpad

29 jun 2026 om 20:00 | Arthritis psoriatica, Artritis, Psoriasis

Lees meer over Psoriatic disease: één ziekte, één zorgpad

SpA café 11: De rol van leefstijl, bewegen en gewichtsreductie in de behandeling van spondyloartritis

14 apr 2026 om 18:30 | Spondyloartritis

Lees meer over SpA café 11: De rol van leefstijl, bewegen en gewichtsreductie in de behandeling van spondyloartritis

SpA café 10: Jubileumeditie!

11 dec 2025 om 18:30 | Spondyloartritis

Lees meer over SpA café 10: Jubileumeditie!

Reumatologie Quiz 2025

25 nov 2025 om 20:00 | Arthritis psoriatica, RA, Sclerodermie

Lees meer over Reumatologie Quiz 2025

Gordelroospreventie in medische risicogroepen - van indicatie tot vaccinatie

2 jul 2025 om 20:00 | Vaccinatie, Virale infecties

Lees meer over Gordelroospreventie in medische risicogroepen - van indicatie tot vaccinatie

PsD Hand in hand: De kracht van samenwerking tussen dermatoloog en reumatoloog

30 jun 2025 om 20:00 | Arthritis psoriatica, Artritis, Psoriasis

Lees meer over PsD Hand in hand: De kracht van samenwerking tussen dermatoloog en reumatoloog

Keynote webinar | Spotlight on advances in lupus

27 mei 2025

Lees meer over Keynote webinar | Spotlight on advances in lupus

SpA café 9: Patiëntspecifiek behandelen bij uitzonderingen zoals uveïtis

15 mei 2025 om 18:30 | Spondyloartritis

Lees meer over SpA café 9: Patiëntspecifiek behandelen bij uitzonderingen zoals uveïtis

SpA café 8:
De nieuwe richtlijnen voor Arthritis Psoriatica

2 okt 2024 om 18:30 | Arthritis psoriatica, Spondyloartritis

Lees meer over SpA café 8:
De nieuwe richtlijnen voor Arthritis Psoriatica
Er zijn geen e-learnings gevonden.
Er zijn geen bijeenkomsten gevonden.

Respons op methotrexaat verbetert met goedkope en veilige interventie

nov 2025 | RA

Lees meer over Respons op methotrexaat verbetert met goedkope en veilige interventie

Machinelearningmodel voorspelt huidverbetering bij sclerose vroeg en accuraat

nov 2025 | Sclerodermie

Lees meer over Machinelearningmodel voorspelt huidverbetering bij sclerose vroeg en accuraat

Flowcytometrie voor snelle bepaling van interferonactiviteit bij kinderen

nov 2025 | JIA, SLE

Lees meer over Flowcytometrie voor snelle bepaling van interferonactiviteit bij kinderen

De expert tipt: deze ACR-presentaties zijn direct toepasbaar in de praktijk

nov 2025 | Arthritis psoriatica, Psoriasis, RA, SLE

Lees meer over De expert tipt: deze ACR-presentaties zijn direct toepasbaar in de praktijk

Late breaker: deucravacitinib bij PsA werkzaam en veilig tot week 52

nov 2025 | Arthritis psoriatica

Lees meer over Late breaker: deucravacitinib bij PsA werkzaam en veilig tot week 52

Combinatie van denosumab en romosozumab: wel anabole werking, geen rebound

nov 2025 | Osteoporose

Lees meer over Combinatie van denosumab en romosozumab: wel anabole werking, geen rebound

Real-world studie: filgotinib geeft snelle en aanhoudende verbetering bij RA

nov 2025 | RA

Lees meer over Real-world studie: filgotinib geeft snelle en aanhoudende verbetering bij RA

“Opvlammingen? Vraag je patiënt eens naar voeding, vitaminen en voltage”

nov 2025 | Artritis, Fibromyalgie

Lees meer over “Opvlammingen? Vraag je patiënt eens naar voeding, vitaminen en voltage”

De nauwkeurige handscans van Arthur en Diana schelen de staf veel tijd

nov 2025 | Arthritis psoriatica, Artrose, RA

Lees meer over De nauwkeurige handscans van Arthur en Diana schelen de staf veel tijd

Psoriatic Disease: het belang van anamnese en het herkennen van rode vlaggen

nov 2022 | Psoriasis

Lees meer over Psoriatic Disease: het belang van anamnese en het herkennen van rode vlaggen

De voor- en nadelen van zorg op afstand: ervaringen van Nederlandse reumatologen tijdens COVID

nov 2020

Lees meer over De voor- en nadelen van zorg op afstand: ervaringen van Nederlandse reumatologen tijdens COVID

Podcast - Terugkerende koortssyndromen: steeds beter te (be)grijpen en behandelen

okt 2020

Lees meer over Podcast - Terugkerende koortssyndromen: steeds beter te (be)grijpen en behandelen

De ACR-adviezen voor reumatologische zorg tijdens de COVID-19-pandemie nader bekeken

aug 2020 | RA, SLE

Lees meer over De ACR-adviezen voor reumatologische zorg tijdens de COVID-19-pandemie nader bekeken

MedNet Reumatologie 2026-01

mrt 2026

Lees meer over MedNet Reumatologie 2026-01

MedNet Reumatologie 2025-03

sep 2025

Lees meer over MedNet Reumatologie 2025-03

MedNet Reumatologie 2025-02

jul 2025

Lees meer over MedNet Reumatologie 2025-02

MedNet Reumatologie 2025-01

mrt 2025

Lees meer over MedNet Reumatologie 2025-01

MedNet Reumatologie 2024-03

sep 2024

Lees meer over MedNet Reumatologie 2024-03

MedNet Reumatologie 2024-02

jun 2024

Lees meer over MedNet Reumatologie 2024-02

MedNet Reumatologie 2024-01

mrt 2024

Lees meer over MedNet Reumatologie 2024-01

MedNet Reumatologie 2023-04

dec 2023

Lees meer over MedNet Reumatologie 2023-04

MedNet Reumatologie 2023-02

jun 2023

Lees meer over MedNet Reumatologie 2023-02

Whitepaper: 24 Veelgestelde vragen en antwoorden over long COVID

feb 2022

Lees meer over Whitepaper: 24 Veelgestelde vragen en antwoorden over long COVID