De overlap tussen vulvaire lichen sclerosus en lichen planus krijgt te weinig erkenning, stelt Makenna Chapman (University of California, Irvine). Resultaten van haar onderzoek benadrukken het belang van een uitgebreide mucocutane evaluatie, overweging van systemische immunomodulerende medicatie en gepersonaliseerd management. Met haar posterpresentatie veroverde Chapman de derde plaats bij de AAD 2026 Poster Awards.1
Erosieve vulvovaginale lichen planus (EVVLP) en vulvaire lichen sclerosus (LS) zijn chronische, immuungemedieerde huidaandoeningen die het vulvovaginale epitheel aantasten. LS leidt doorgaans tot verhoorning van de huid en spaart de vagina, terwijl EVVLP gepaard gaat met pijnlijke erosies van zowel de vulva als het vaginale slijmvlies.2,3 Sommige LS-patiënten vertonen echter ook kenmerken van EVVLP, wat LS/LP-overlap wordt genoemd. Het herkennen van LS/LP-overlap is essentieel, gezien de klinische ernst én de implicaties voor de behandeling.
In dit retrospectieve onderzoek identificeerden Chapman en haar collega’s uit patiëntendossiers van een tertiaire vulvaire dermatologiekliniek 13 patiënten met ICD-gecodeerde diagnoses van zowel LS (L90.0) als LP (L43) en bevestigden de vulvaire betrokkenheid van beide aandoeningen. Al deze patiënten hadden ook vaginale EVVLP-laesies. De gemiddelde leeftijd bij de diagnose LS/LP-overlap was 69,2 jaar (sd 8,67); aanzienlijk ouder dan de leeftijd waarop de aandoeningen zich afzonderlijk manifesteren.2,4 Daarnaast had 46% van de patiënten orale LP, 31% lichen planopilaris en hadden 4 patiënten ook andere auto-immuungerelateerde comorbide aandoeningen. Bij 15% van de patiënten werd bovendien vulvaire intra-epitheliale neoplasie gediagnosticeerd; een hoger percentage dan bij geïsoleerde LS of LP.5 Alle patiënten gebruikten sterke topische corticosteroïden, 69% gebruikte topisch oestrogeen en 15% vaginale dilatatoren. Bovendien had 46% systemische medicatie nodig.
De onderzoekers concludeerden dat er bij LS/LP-overlap sprake is van een hogere leeftijd bij diagnose, betrokkenheid van het vaginaslijmvlies en een potentieel verhoogd risico op neoplasie. Meer klinische kennis en verder onderzoek zijn nodig om dit overlappende fenotype beter te definiëren en te behandelen.
Bronnen:
- Chapman M, Etcheverry MJ, Kraus C. Characterizing vulvar lichen sclerosus-lichen planus overlap: a clinical subtype with implications for diagnosis, surveillance, and management. AAD 2026, e-poster ID 71348.
- McPherson T, Cooper S. Vulval lichen sclerosus and lichen planus. Dermatol Ther. 2010;23:523-32.
- Dunaway S, Tyler K, Kaffenberger J. Update on treatments for erosive vulvovaginal lichen planus. Int J Dermatol. 2020;59:297-302.
- Xie X, Wu K. Advances in the pathogenesis of vulvar lichen sclerosus. Mol Biol Rep. 2024;51:396.
- Lebreton M, Carton I, Brousse S, et al. Vulvar intraepithelial neoplasia: classification, epidemiology, diagnosis, and management. J Gynecol Obstet Hum Reprod. 2020;49:101801.