Mensen met lagere sociaaleconomische status starten hun volwassen leven met een gezondheidsachterstand. Dat volgt uit onderzoek van het UMCG en Rijksuniversiteit Groningen. De resultaten werden gepubliceerd in The Journal of Human Resources.
De onderzoekers gebruikten data uit bevolkingsonderzoek Lifelines, dat 167.000 Nederlanders over langere periode volgt. Ze keken niet alleen naar zelfrapportage over gezondheid, maar betrokken ook meetbare fysieke waarden zoals bloeddruk, cholesterol en glucose. Uit de gegevens volgde een overzichtsscore die liet zien hoeveel stress en belasting het lichaam in de loop van de tijd heeft opgebouwd. De score gaf een vroege aanwijzing voor het risico op chronische ziekten.
Uit de analyse blijkt dat er al vroeg in het volwassen leven, nog voordat chronische ziekten zichtbaar zijn, gezondheidsverschillen ontstaan tussen mensen met een lage en hoge sociaaleconomische status. De kloof groeit verder met het ouder worden.
Gezondheidsgedrag en leefstijlfactoren zijn van invloed op de snelheid waarin biologische stress toeneemt, maar zijn slechts een deel van het verhaal, aldus een persbericht van UMCG. De context waarin mensen leven en werken spelen daarnaast een belangrijke, zelfstandige rol. Denk aan zwaardere werkomstandigheden, meer stress en minder financiële zekerheid.
Om verbetering te bereiken, moeten we fundamenteel anders gaan denken over onze collectieve verantwoordelijkheid voor ieders gezondheid, aldus de onderzoekers.
Bron: